Voor eerdere diensten klik hier:

Zondag 11 na Trinitatis 12 augustus 2018 in de Lutherse kerk te  Leerdam
Organist: Ina Mostert

Orgelspel: bewerkingen van diverse componisten “God in de hoog allen zij d’eer”

Afkondigingen en aansteken van de kaarsen.

Wij zijn hier aanwezig in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.    
Amen

Onze Hulp is in de Naam van de Heer    
die hemel en aarde gemaakt heeft.

Heer, vergeef ons al wat wij misdeden,
en laat ons weer in vrede leven.
Amen.

Zo lief had God deze wereld, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt, en eeuwig leven hebben mag!

Introïtus:
De Antifoon voor deze zondag luidt:

Ontzagwekkend bent U, God, in Uw Heiligdom. De God van Israël, Hij geeft macht en nieuwe kracht aan Zijn volk. Geprezen zij God! Ps 86:36

En de psalm is: Psalm 68: 2


Nogmaals de Antifoon: 
Ontzagwekkend bent U, God, in Uw Heiligdom. De God van Israël, Hij geeft macht en nieuwe kracht aan Zijn volk. Geprezen zij God!


Laten we de Heer aanroepen om ontferming met de nood van deze wereld, - die is overweldigend groot – oorlogen, branden, aardbevingen, uitbraak van ebola, droogte en watervloeden… -
maar laten wij dan ook Zijn Naam prijzen,
omdat er aan Zijn barmhartigheid geen einde komt!




Zondagsgebed
Heer van Hemel en aarde, wees onze God en onze Koning, door Jezus Christus, onze Heer.
Amen

Lez
ing Oude Testament1 Koningen 19: 4 – 8

Elia, de grote profeet, ziet het allemaal niet meer zitten. Hij is de woestijn ingegaan om te sterven. Zijn werk is toch allemaal voor niets geweest, en de politie zit nu achter hem aan, hij is het beu.

Zijn metgezel heeft hij weggestuurd, we lezen:

4 en zelf trok hij één dagreis ver de woestijn in. Daar ging hij onder een bremstruik zitten, verlangend naar de dood, en zei: ‘Het is genoeg geweest,
Heer. Neem mijn leven, want ik ben niet beter dan mijn voorouders.’
5 Hij viel onder de bremstruik in slaap, maar er kwam een engel, die hem aanraakte en zei: ‘Word wakker en eet wat.’
6 Elia keek op en ontdekte naast zijn hoofd een brood, in gloeiende kooltjes gebakken, én een kruik water. Nadat hij had gegeten en gedronken, ging hij weer onder de struik liggen.
7 Maar de engel van de HEER kwam terug, raakte hem opnieuw aan en zei: ‘Sta op en eet wat, anders is de reis te zwaar voor je.’
8 Elia stond op, en toen hij had gegeten en gedronken liep hij, gesterkt door dit voedsel, veertig dagen en veertig nachten door de woestijn, tot hij bij de Horeb kwam, de berg van de HEER.

Ons gradualelied is een loflied op Hem die de Zijnen niet in de steek laat: lied 648

Heldere bron, Gij zon die met gloed geneest,
dor hout bloeit op in uw open hof:
één en al bloesem, wekenlang feest
wij plukken geloof en oogsten lof.

Zing halleluja, nodig de volken : drink,
eet van de vrucht, gij gezegenden;
zing dat langs lucht en wolken weerklinkt:
verheven is Hij, de Levende!


Epistellezing: Efese 4: 30 -5: 2
Paulus schrijft over de grote liefde van Christus, die het Hoofd van de gemeente is, waarvan wij samen het lichaam vormen. Daarbij past ook een steeds weer nieuwe, bewuste, manier van leven, want, schrijft hij: Jullie hebben Christus leren kennen en weten dat dit in Christus de waarheid is, dat jullie in je doop je oude mens, en je oude manier van leven hebt uitgedaan, en dat de Geest je anders laat denken, als nieuwe schepping. Hij gaat verder:

30 Doe de Heilige Geest van God geen verdriet. De Heilige Geest is in jullie aanwezig, als bewijs dat jullie bij God horen. Daardoor worden jullie gered op de dag dat God de Christenen komt bevrijden.
31 Alle woede en alle boosheid moet bij jullie verdwijnen, net als alle andere slechtheid. Schreeuw niet langer en vloek niet meer.
32 Wees goed en hartelijk voor elkaar. En vergeef elkaar. Want God heeft ook jullie fouten vergeven, omdat Christus voor jullie gestorven is.

5:1 Jullie zijn Gods kinderen, en Hij houdt van jullie. Volg daarom Zijn goede voorbeeld,
 2 en leef met elkaar in liefde. Zo leefde Christus ook. Hij hield van ons, en Hij is voor ons gestorven. Hij gaf Zijn leven als offer, en dat was een geschenk dat God graag aannam.

Psalmwoord: Loof de HEER, roep luid Zijn Naam,  maak Zijn daden bekend onder de volken. Ps 105:1
HALLELUJA!


Lied 885

Gij geeft ons vrede, vergeving van zonden,
en Uw nabijheid, die sterkt en die leidt;
kracht voor vandaag,
blijde hoop voor de toekomst,
Gij geeft het leven tot in eeuwigheid.
Refrein.


Het Heilig Evangelie staat geschreven bij: Marcus 7: 24 - 30  

Hiervoor: Een Twistgesprek met Farizeeën over innerlijke en uiterlijke reinheid en het houden van geboden. De Heer heeft er even genoeg van, en vertrekt voor een korte vacantie naar het buitenland.

24 Hij rees op, daarvandaan, en ging weg naar het gebergte van Tyrus,      
en toen Hij in een huis introk, wilde Hij niet dat iemand er van af wist.   

doch Hij kon niet onopgemerkt blijven.
25 Maar direct was er een vrouw die over Hem hoorde, die een dochter had, behept met een gemene geest.
Toen ze (bij Hem) kwam, wierp ze zich aan Zijn voeten neer.
26. De vrouw nu was een Griekse, een Syro-Phoenisische van geboorte, en ze vroeg Hem de demon uit haar dochter uit te werpen.
27. Maar Hij zei tegen haar: “Laat eerst de kinderen maar verzadigd worden, want het is niet goed het voedsel van de kinderen af te nemen en de hondjes toe te werpen.”
28. Zij echter antwoordde en zei tegen Hem:
‘Heer, ook de hondjes onder de tafel eten van de kruimels van de kindertjes.’
29 En Hij zei tegen haar: “Om dít woord: vertrek!
De demon is uit uw dochter weggegaan.”
30 En toen zij weggegaan was naar haar huis, vond ze het kindje op het bed, waar het was neergesmeten door de demon, toen die (uit haar) weg ging.
  
Zalig die het Woord van God horen en er gehoor aan geven!


Credo
In antwoord op Gods woord willen wij ons geloof belijden door samen te zeggen:

Ik geloof in God, die mens en wereld heeft geschapen, bedacht, gemaakt, gewild...

Ik geloof in God, die met mens en wereld een relatie aanging, er om geeft, er van houdt.

Ik geloof in God, die een Vader wil zijn, een Moeder, Geliefde, Zuster, Broeder..

Ik geloof in Jezus, mens geworden zoals wij.
Die in onze tijd, in onze wereld ons eigen leven heeft geleefd,
en is gekruisigd, voor de overheid een daad van willekeur,
voor Zijn leerlingen uiteindelijk een sprong in het duister, die onze redding werd -
dwars door dood en opstanding heen.

Ik geloof in die Geest van Liefde, die deel is van Gods wezen, die Jezus bezielde, die ook ons bezielen wil.

Ik geloof in mensen van Gods welbehagen, gewone mensen, die doen wat ze kunnen. Die leren luisteren naar de stem van God in de nacht van hun leven.
Mensen die er voor Hem en voor elkaar willen zijn.

Ik geloof dat de tijd maar tijdelijk is, en dat ons eeuwige liefde wacht, door dood en opstanding heen.

Zo waarlijk helpe ons God almachtig! Amen!


Preek

Genade zij u en vrede van God onze Vader en van Jezus Christus, onze Heer, door de Heilige Geest.

Lieve mensen, soms is het leven zo zwaar, zo lastig, dat je er wel even tussenuit wilt knijpen. Soms ben je alleen maar moe of niet in de stemming. Mijn zusje en ik spelen dan stomme computerspelletjes, en daar verknoeien we heel wat tijd mee. Maar het houdt ons wel overeind. Snoepen of een rookpauze zijn wat slechter voor je lichaam, maar ze hebben de zelfde functie.
En terwijl je met heel iets anders bezig bent dan wat je zo lastig vindt, kan het best zo zijn dat je onderbewuste bezig is een oplossing te vinden.
Aan de andere kant is dat niet altijd nodig, omdat je vaak heel goed weet wat je er aan zou moeten doen, maar het is zo ingewikkeld, het kost zoveel tijd, of je weet niet waar je moet beginnen.
Je hebt er gewoon geen zin in, of je ziet er tegenop, terwijl je, als je maar érgens begonnen was, misschien al half klaar was met die klus.

Een heleboel mensen hebben hier ervaring mee, waarschijnlijk ook een aantal mensen hier.
En dan kan het om heel verschillende dingen gaan, van afstoffen tot het schrijven van een moeilijke brief, van een beslissing die over dood en leven gaat, tot het overmaken van een gift voor een goed doel. We stellen het uit.
Als je er over nadenkt, voel je je tamelijk onnozel, nietwaar?
Het is alsof je lichaam, je geest zegt: ‘Nu even niet. Ik kan er even niet mee omgaan’.
Dat hoeft niet persé (geestelijke) luiheid te zijn.
Het kàn een functie hebben.

Maar troost u, grotere geesten dan wij hebben in dergelijke situaties vertoefd.

Vanmiddag hebben we gelezen over Elia, die het helemaal niet meer ziet zitten. Hij heeft de priesters van de afgodendienares koningin Izebel een kopje kleiner gemaakt, en zij heeft hem een bode gestuurd, (in het Hebreeuws is engel en bode het zelfde woord) die hem liet weten dat ze zijn leven op dezelfde manier zou nemen, voor er 24 uur om waren.
Hij vlucht letterlijk weg voor de situatie die hij niet meer kan overzien, en hij heeft er genoeg van. Het was best een tijd spannend en bijzonder om een belangrijke profeet te zijn, om conversaties met de Aanwezige te hebben, wonderen te zien gebeuren, er zelf een hand in te hebben, maar nu is de man-met-de-hamer gekomen, en hij ziet het niet meer zitten. Het is over en uit.
Laat de Heer er maar een eind aan maken.
Hij is geen cent meer of beter dan zijn voorouders, hij is een onbenul, en nietsnut, en hij heeft er genoeg van. Kortom: hij is uitgeput.
Hij gaat onder een bremstruik liggen, en valt in slaap. Met een beetje geluk zal hij onwel worden in de brandende hitte – zo’n bremstruik geeft niet zo vreselijk veel schaduw – en dan wordt hij niet meer wakker
Wij hebben een paar warme dagen meegemaakt, misschien niet zo warm als het in het Heilige Land kan worden, maar toch… we hebben er wel een idee van hoe dat voelt.
Je wilt alleen maar liggen, en niets doen.

Maar die vlieger gaat niet op.
Er komt weer een bode naar Elia toe. Een engel.
Er wordt niet meteen gezegd waar die bode vandaan komt. Hij raakt Elia aan. Maakt hem wakker, en gelast hem te eten en te drinken.
Vers gebakken koek, of wat dan ook, het is eetbaar, en een kruik water.
En weg is die zonderlinge gast.
Elia is nu wel even wakker, hij eet en drinkt, en… gaat weer liggen slapen. Ze zoeken het maar uit.

Maar na een tijdje krijgt hij opnieuw een por tussen zijn ribben. Weer een bode, weer een engel, maar nu wordt het duidelijk (gemaakt) dat het een engel van de Heer is. Eten en drinken moet hij, want de weg is lang. Het is geen gewoon baksel, en het is bijzonder water, want hij kan er 40 dagen en 40 nachten op voort.
Een eindeloze tijd, wil dat zeggen. Een periode, die meteen doet denken aan de 40 jaren die het volk van God onderweg was van de Sinaï naar het Beloofde Land.
Elia legt de omgekeerde weg af, niet in jaren maar in dagen. Dat is bijna 424 kilometer langs de kortste weg. Die zal Elia niet genomen hebben, want men was naar hem op zoek.

Zijn doel is de Horeb, de berg van het Verbond.
De bergtop in het gebergte van de Sinaï waar de Heer Zich destijds aan Mozes en het volk liet zien met vuur en rook, bliksem en donder.
En daar, u kent het verhaal wel, zal Elia de volgende dag geconfronteerd worden met datzelfde natuurgeweld. Verscholen in een grot.
Pas als het stil wordt – een suizende stilte – komt God. Dan moet hij nog even wachten voordat hij naar buiten kan, en dan ziet hij de verdwijnende glorie Gods.
En dat is genoeg voor één mens.
Het is meer dan genoeg om op verder te kunnen.
Hij heeft iets van Gods Heerlijkheid gezien. De Aanwezige heeft een tipje van de sluier opgelicht, Elia heeft een glimp van de onuitsprekelijke kleuren, het onvoorstelbare licht van de Hemelse Majesteit gezien, en het leven heeft weer zin voor hem.
Gods zin.
Een zin die Elia niet begrijpt, maar wel aanvaardt.

‘Waartoe zijn wij op aarde?’
Dat was vraag een van een oude catechismus. Het R.K. antwoord luidde: Wij zijn op aarde om God te dienen en daardoor hier en in het hiernamaals gelukkig te zijn.
Van dat gelukkige hiernamaals wist Elia zover wij weten nog niets af, maar dit was genoeg.
Hij heeft niet meer getwijfeld.
Niet aan de zin van het bestaan, en niet aan het nut van wat hem te doen werd gegeven.
Het was goed.

Je zou er jaloers op kunnen worden. J

Door de Hemel gevoed worden met engelenbrood en met levenswater
Werken met Goddelijke energie
met de Heilige Geest dus.

Je snapt eigenlijk niet hoe het mogelijk is dat Jezus die verbinding even kwijt is.
Hij heeft geen energie meer, Hij is het zat.
Al die mensen die Hem niet echt horen, die wel wonderen willen, genezingen, aandacht en liefde… maar die niet eens het respect op kunnen brengen om werkelijk aandachtig naar Zijn boodschap van Gods koningschap te luisteren…
We zijn van Jezus gewend dat Hij naar een eenzame plaats gaat, bij voorkeur een berg, om in het gebed te herbronnen. Weer bij Zijn wortels terug te komen, en kracht te putten uit het contact met Zijn Hemelse Vader.
Maar nu lijkt Hij vacantie te hebben genomen van Zijn Goddelijke opdracht. Was die niet allereerst: Gods volk weer terug te laten keren tot de Allerhoogste? Hen weer te laten beseffen dat Hij, Die in de woestijn tot het volk heeft gezegd: “Ik ben er, dat is Mijn Naam”, ook in hun dagelijks leven de Aanwezige wil wezen?

Nu is Jezus naar het buitenland gegaan.
Een klein tripje over de grens, een vacantiehuis gehuurd, ergens waar niemand Hem kent.
Dacht Hij.
Nu, dat valt tegen.
In het begin van het hoofdstuk, ik zei het al, was de Heer in een theologisch debat verwikkeld, waarbij ook mensen uit Tyrus en Sidon aanwezig waren. Een stukje ten Noorden van Galilea, aan de kust. Tyrus ligt een kilometer of 20 van de Karmel, de plek waar Elia met de Baälpriesters afrekende, overigens.
https://noemewv.nl/Bijbel/Images/map11.jpg
Jezus kon daar niet verborgen blijven.
Kennelijk had iemand Hem of Zijn discipelen herkend, toen ze naar de bakker gingen of zo.
In een mum van tijd staat er een vrouw voor Zijn neus, een wanhopige, maar vastberaden  moeder.
Ze valt voor Jezus op de grond, aan Zijn voeten, en geeft Hem koninklijke eer, alles, als Hij haar dochter maar wil genezen!
Het meisje is behept met een demon, een gore geest, die maakt dat ze zeer ongewenst gedrag vertoont.
Een onhoudbare situatie dus.

Maar Jezus werkt niet mee. Zijn excuus is nogal flauw, het dochtertje van de Romein Jaïrus heeft Hij ook genezen. Al geef ik toe, dat Jaïrus veel voor Israël heeft gedaan… maar toch…
“Laat eerst de kinderen”, met andere woorden: alle mensen van Gods volk, “maar verzadigd worden met Gods Goede Boodschap (en de bijbehorende wonderen). Zoiets kostbaars gooi je niet voor de honden”.
Maar de vrouw is Jezus te slim af.
Ze gaat niet met Hem in debat, ze zegt rustig: de hondjes eten wat er van de tafel van de kinderen op de grond valt.
En daar raakt ze Jezus op een pijnlijke plek, want Zijn volksgenoten gaan helemaal niet zorgvuldig om met Gods goede gaven, met de Blijde Boodschap. Ze gaan er net zo slordig mee om als kleine kinderen, die geen trek meer hebben in hun brood, en die er maar wat mee zitten te knoeien, en die af en toe stukjes laten vallen in de hoop dat de hondjes die opeten, zodat ze aanstond kunnen zeggen: ‘Op, mama! Helemaal op!’
Is Hij niet juist daarom afgebrand?      
Was Hij niet daarom toe aan vacantie?

Aan afstand?

Jezus bewondert haar terechte antwoord, en dat kikkert Hem op. Ook op afstand kan Hij het kind genezen. De moeder is gelukkig, en Jezus?
Hij kan weer verder!

Zo ontstaat er ruimte.
De moeder laat Jezus zien waar Zijn eigen pijn ligt.
En God laat Hem, via haar, zien dat Zijn roeping wijder en groter is dan het Godsvolk alleen, maar dat Hij is gekomen om héél de wereld te genezen. Ook u en mij.

Soms heb je het nodig om je problemen, je situatie, eens onder een andere hoek te bekijken.
Het kan helpen om op te schrijven wat je dwars zit, of er met een goede vriend of vriendin over te praten, een pastor.

Hardop bidden kan ook helpen, want dan hoor je jezelf soms dingen zeggen, die je liever niet gezegd of gedacht had willen hebben.
Dan kun je vragen om genezing.

Want nét zoals Jezus, in Zijn behoefte om weg te lopen voor wat Hem teveel werd, even geen ruimte maakte in Zijn ziel voor de Heilige Geest, om daar wonderen te werken, zo kan dat ook bij ons het geval zijn.

Het is niet voor niets, dat Petrus ons oproept: ‘Doe de Heilige Geest van God geen verdriet.
De Heilige Geest is in jullie aanwezig, als bewijs dat jullie bij God horen. Daardoor worden jullie gered op de dag dat God de Christenen komt bevrijden.’

Dat ís nogal wat. De Heilige Geest is Gods kracht, Gods liefde, die in ons aan het werk is.
Zij is Gods wezen, Gods Aanwezigheid, niet alleen in de wereld, niet alleen in Jezus, maar ook in ons, omdat God ons heeft aangenomen als Zijn kinderen, als Zijn vriendinnen, Zijn vrienden.
Ieder van ons. Bij de doop, bij onze belijdenis, en elke dag van ons leven, als wij onze Vader in de Hemel, onze Moeder heel dichtbij, onze Hartsvriendin, - want dat wil de Geest het liefste zijn -, aanspreken.

Bidden, Bijbellezen, zingen, dat maakt allemaal ruimte voor de Geest.
En als je samen met Haar leeft, dan zul je Haar zeker geen verdriet willen doen, door allerlei vervelende en negatieve dingen te doen.
Wees goed en hartelijk voor elkaar. En vergeef elkaar. Want God heeft ook jullie fouten vergeven, omdat Christus voor jullie gestorven is.

Wij zijn Gods kinderen, en Hij houdt van ons. Volg daarom Gods goede voorbeeld, en leef met elkaar in liefde. Zo leefde Christus ook.
Hij hield van ons, en Hij is voor ons gestorven. Hij gaf Zijn leven als offer, en dat was een geschenk waar God blij mee was.

Als we dat vasthouden, kan de Heilige Geest in ons aan het werk. ‘Lees je Bijbel, bid elke dag als je groeien wilt’, zongen we vroeger.
Niemand van ons is te jong of te oud om te groeien.
Om toe te groeien naar elkaar en naar God. 
Aan de Heilige Geest zal het niet liggen, Zij is er voor ieder van ons, elk moment van ons leven.
Je hoeft het maar te vragen!
Amen.

Muziek
“Gavotte” van Anonyms

Alles wat wij hebben, hebben wij van God gekregen,

om door te geven, om met velen te delen
     en er zo dubbel van te genieten.

Ook nu en hier kunnen we gestalte geven aan dat delen: in de collecte

Na het gebed over de gaven zingen wij: lied 908:1, 5 en 7

Collecte voor Zending en kerk 
Intussen speelde de organist:
“Pastorella”, van een onbekende componist

Gebed over de gaven
Lieve God, wij danken U voor wat U ons allemaal gegeven hebt. Wij geven U vaak maar zo weinig terug. We vergeten graag dat het allemaal van U komt.
Daarom willen we allereerst ‘dank U’ zeggen voor al Uw goede gaven; en wat we verder geven, hier in deze collecte, en ook straks weer op andere manieren, wilt U dat zegenen?
Wilt U er mee werken, zodat het voor mensen die er mee te maken krijgen, hoe dan ook, een bron van goedheid is.   
Door Jezus Christus, onze Heer. Amen.

Wij zingen lied 908: 1, 5 en 7: U heb ik lief, o mijn beminde…



Hoe moet ik, hemelzon, U danken

voor 't licht dat Gij mij hebt gebracht?
Gij hebt mijn ziel, die arme, kranke,
voorgoed genezen van de nacht.
Gij kuste met uw gouden mond,
o zon, mijn ziel gezond.

Ik heb U lief, o wonderschone,
ik heb U lief, Gij zijt mijn God.
Ik vraag niet, dat Gij mij zult lonen;
ik heb U lief, ook in de nood.
Ik heb U lief, o schoonste licht,
gezegend Aangezicht!

Voorbeden
Laten we danken en bidden:
Liefdevolle God,
Wij danken u voor deze dienst, voor deze dag, voor Uw liefde, die onze fouten en tekortkomingen vergeeft.

Wij bidden U om Uw Heilige Geest, dat Zij in ons leven aan het werk wil gaan.
Dat Zij ons in alles leidt, en de energie in ons opwekt om met vriendelijkheid en geduld om te gaan met de mensen om ons heen. Ook al kunnen ze nog zo onredelijk zijn.
Help ons om met Uw ogen naar hen te kijken, zodat wij U van dienst kunnen zijn in hen.

Grote God, Heer van Hemel en aarde, van dood en leven, wij aanbidden U om Uw Schepping, Uw onvoorstelbare grootheid. Onvoorstelbaar dat U toch ons allen bij name kent, en dat U ieder van ons liefhebt. Dank U voor alles wat U ons geeft.

Wij bidden voor de kerk in Ethiopië en voor alle christenen in Afrika, die vaak zo bloedig vervolgd worden. Voor allen die worden vervolgd, om Uw Naam. Help ons hen niet te vergeten in onze gebeden. Ook voor de slachtoffers van oorlog en geweld, natuur en verkeer bidden wij. Het zijn er zo veel, Heer, en we voelen ons zo hulpeloos.

Help ons om weer dagelijks te lezen en te bidden, en zo dichter bij U te komen.
U wilt dat graag, en voor ons is het een steun.

Voor alle zieken, voor allen die het in onze familie en vriendenkring moeilijk hebben, bidden wij in de stilte van dit uur…
Met Jezus, die het ons leerde, zeggen wij samen:

A: Onze Vader, die in de hemel zijt,
Uw Naam worde geheiligd
Uw Rijk kome
Uw Wil geschiede, zoals in de hemel zo ook op aarde.
Geef ons heden ons dagelijks brood
en vergeef ons onze schulden,
zoals wij vergeven onze schuldenaren
en leid ons niet in verzoeking
maar verlos ons van het kwade!
 

Slotlied 302: 2, 3 en 4
(Na de zegen, zingen we, in plaats van het ‘Amen’: vers 1 )

O Jezus, die de Christus zijt,
des Vaders Eengeboren,
Gij hebt ons van de toorn bevrijd
en redt wie was verloren.
Gij, Lam van God, voor ons geslacht,
verhoor ons roepen uit de nacht,
erbarm U over allen.

O Heilge Geest, ons hoogste goed,
ten Trooster ons gegeven,
heb dank dat Gij ons delen doet
in Jezus' dood en leven.
Beveilig ons in alle nood,
blijf ons nabij in angst en dood,
op U steunt ons vertrouwen.

Zegen:
Gods zegen draagt ons door dood en doop heen naar het leven in eeuwigheid.
Gods Geest geeft ons de woorden van eeuwig leven in de mond, en de moed in ons hart om die te spreken.
Gods geliefde Zoon gaat aan onze zij, wanneer we hier vandaan gaan.

† Zo zijn we dan gezegende mensen,
in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
Amen

Orgelmuziek na de dienst “Ere zij aan God de Vader”.