Voor eerdere diensten klik hier:

Zondag Misericordias Domini 4-5-2014 te Heusden

Organist: Ben de Rooij

Orgelspel
 
Afkondigingen en aansteken van de kaarsen.

Stilte

Wij zijn hier aanwezig in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.       
Amen

Onze Hulp is in de Naam van de Heer    
die hemel en aarde gemaakt heeft.

Heer, wij hebben als schapen gedwaald,
en wij zijn ieder onze eigen weg gegaan..

Wij konden of wilden de weg die de waarheid is,
en het leven, niet volgen.....

Toch smeken wij U: leid ons weer op het rechte pad
vergeef ons en blijf ons nabij, om Jezus Christus, onze Heer. Amen

De Almachtige God schenke ons Zijn genade
Amen

God hield zoveel van deze wereld, dat Hij Zijn enige Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt, en eeuwig leven hebben mag.

De Antifoon + Introïtuspsalm van deze zondag Misericordias Domini, het ontfermen van onze Heer, Zijn genade, in vers 2, is NL640b voor en na psalm 33:1, 2 en 8



Zingt al wie leeft van Gods genade, want waarheid is al wat Hij zegt.
Op trouw gegrondvest zijn Zijn daden, op liefde rust Zijn heilig recht.
Die zich openbaarde overal op aarde, alles spreekt van Hem.
Heemlen hoog verheven, vol van blinkend leven, schiep Hij door Zijn stem.

Wij wachten stil op Gods ontferming, ons hart heeft zich in Hem verheugd.
Hij komt te hulp en geeft bescherming, Zijn heilge naam is onze vreugd.
Laat te allen tijde Uwe liefd' ons leiden, Uw barmhartigheid.
God, op Wien wij wachten, geef ons moed en krachten nu en voor altijd.

Allen:


Laten we de Heer aanroepen om ontferming met de nood van deze wereld, - die is groot -
maar laten wij dan ook Zijn Naam prijzen,
omdat er aan Zijn barmhartigheid geen einde komt!



Zondagsgebed:
Heer, die U over Uw volk hebt ontfermd, wil ook ons barmhartig zijn, en wil verhoren als wij bidden om Uw Geest, die ons Uw lieve wil in het hart legt.
Dat bidden wij U door Jezus Christus, onze Heer.
Amen

Lezing Oude Testament : Ezechiël 34: 11 - 16
De Heer verwijt de leiders van het volk dat ze Zijn volk hebben uitgebuit en opgesoupeerd als was het een kudde schapen.
 
11. Maar zo spreekt Mijn Heer, de Aanwezige: Let op Mij! Ik eis Mijn kudde terug en Ik zal voor ze zorgen.
12. Zoals een herder voor zijn kudde zorgt op het moment dat hij te midden van het her en der verspreide vee aanwezig is, zo ga Ik op zoek naar Mijn vee.   Ja, Ik zal ze redden vanuit elke plek waarheen ze uiteen gegaan zijn in tijden van laaghangende bewolking en duistere mist.
13. Ik leid ze vanuit de volkeren weg en neem ze op vanuit de omringende landen, en Ik breng ze naar hun eigen grondgebied. Ik zal ze weiden op de bergen van Israël, op de toppen en in alle bewoonbare gebieden van het land.
14. Op goed gras zal Ik ze doen weiden, en op de bergen van Hoog-Israël is er voor hen dan een schaapskooi. Daar zullen ze in alle rust liggen in een goede schaapskooi en voedzaam gras grazen ze op de bergen van Israël.
15. Ik weid Zelf Mijn vee, en Ik geef ze de gelegenheid rustig te liggen.       
Zo heeft mijn Heer, de Aanwezige, het Zelf gezegd.
16. Het afgedwaalde dier zoek Ik op, en wat verdreven is breng Ik terug. Waar iets gebroken is verbind Ik het, en het zwakke doe Ik weer op krachten komen. Maar het weldoorvoede en sterke zal Ik onmogelijk maken.
Ik wil in alle recht als Herder bezig zijn!!!

Wij weten dat de Heer onze Herder wil zijn. Lied : 800NL: 1, 3, 5.  zingt daarvan.  De melodie loopt door over twee 2 regels.

Maar Christus gaf mij taal en teken
en ik ben zeker van zijn stem.
De nacht is voor het licht geweken,
het grondloos lot krijgt zin door Hem.
Nu word ik mens, herkrijg mijn vrijheid
bij water, woord en brood en wijn,
omdat ik weet van zijn nabijheid
waar twee of drie vergaderd zijn. …

Nog blijft, door stralend licht omschenen,
De heilige beminde ons bij.
Zijn bitter lijden doet ons wenen,
Zijn hoge liefde maakt ons vrij.
Al wie met ons Zijn hand wil grijpen
Is welkom, vriend en bloedverwant.
Zijn hartenbloed doet allen rijpen
Tot vrucht van ’s hemels vaderland.

Epistel : 1 Petrus 1, 17-23. Goed Nieuws.
Over heil en genade gaat het, waar de profeten al naar verlangden en zochten, maar dat nog niet voor hen was, maar wel voor de lezers van de brief  van Petrus, en voor hen die zijn woorden hoorden en er oor voor hadden en hebben… Làstige woorden.
Woorden die zijn geopenbaard in en door Jezus Christus, die mogen we dan ook horen en gehoorzamen als heiligen, als mensen die God zijn toegewijd, net zoals Jezus dat was. Wees heilig, want Ik ben Heilig, staat er in Leviticus.
Petrus haalt dat aan en gaat dan verder:
17 U roept God aan als uw Vader. Hij maakt geen onderscheid en oordeelt iedereen op grond van zijn daden. Heb dus ontzag voor Hem zolang u hier als vreemdelingen woont.
18 U weet het: uit dit zinloze bestaan, dat u van uw voorouders hebt gekregen, bent u niet vrijgekocht met iets dat vergaat, met zilver of goud,
19 maar met het kostbare bloed van Christus, het Lam zonder smet of gebrek.

20 Al voor de schepping van de wereld had God Hem in gedachten, maar eerst nu, aan het einde van de tijd, is Hij verschenen, omwille van u.
21 En door Hem gelooft u in God, die Hem uit de dood heeft opgewekt en Hem heeft verheerlijkt. Dat betekent dat uw geloof in God tevens hoop is op God.
22 Door aan de waarheid gehoor te geven hebt u uw hart gereinigd en is oprechte onderlinge liefde mogelijk geworden.
Héb elkaar dan ook met hart en ziel lief,
23 als mensen die herboren zijn, niet uit vergankelijke ouders, maar uit een onvergankelijke bron, door het woord van de levende en eeuwige God. 


Psalmwoord: Halleluja! Looft de Heer, roept luid Zijn Naam! Maak Zijn daden bekend onder de volkeren. (ps 105:1) 
 HALLELUJA!



Wij loven met Lied 639NL onze opgestane Heer.


Christus aan het licht gekomen
Heeft de Zijnen meegenomen.
Hij verschijnt met groot gezag,
Draagt de doden naar de dag,
draagt ons Gode tegemoet.
Loof nu God, want Hij is goed.

Het Heilig Evangelie staat geschreven bij: Johannes 21: 1 - 14.
1. Nadien liet Jezus Zich opnieuw aan de leerlingen zien bij het meer van Tiberias; zo liet Hij Zich zien:
2. Simon Petrus en Thomas, die tweeling genoemd wordt, en Nathanael van Kana in Galilea en die van Zebedeüs, en twee anderen van Zijn leerlingen waren de hele tijd samen...
3.      Zegt Simon Petrus tegen hen: Ik ga vissen. Zeggen ze tegen hem: Wij gaan ook met je mee. Ze gingen er op uit en ze gingen aan boord van het schip, en in die nacht vingen ze niets.
       
4.  Maar toen het al ochtend geworden was kwam Jezus naar het strand; echter de leerlingen hadden er geen idee van dat het Jezus was.
       
5.  Dan zegt Jezus tegen hen: Jongelui, hebben jullie soms een hapje eten? Ze antwoordden Hem: Nee....
6.  Maar Hij zei tegen ze: Werp het net aan de rechterkant van het schip uit, en dan zul je (vis) vinden.     
Toen wierpen ze het uit, en ze konden het niet meer inhalen vanwege de grote hoeveelheid aan vissen.
7.  Dan zegt de leerling waar Jezus dol op was tegen Petrus: Het is de Heer!        
Nu, toen Simon Petrus hoorde: Het is de Heer, bond hij zijn overhemd om z’n middel, want hij was naakt, en hij wierp zich in de zee.
8.  Maar de andere leerlingen kwamen per boot, want ze waren niet ver van het land, maar ongeveer 20 el (een dikke tien meter), terwijl ze het net met vissen meezeulden.
9.  Maar als ze dan aan land gaan, zien ze dat er een kolenvuurtje is aangelegd, en vis die er op ligt, en brood.

10.  Dan zegt Jezus tegen ze: Breng wat van de vissen die jullie nu gevangen hebben.
11. Toen ging Simon Petrus er op af, en hij trok het net vol met (wel) 153 grote vissen aan land, en hoewel het er zoveel waren scheurde het net niet.
12. Dan zegt Jezus tegen ze: Kom, eet.         
Maar niemand van de leerlingen durfde Hen te vragen: Wie bent U?
Omdat ze wisten: Het is de Heer.

13.  Jezus komt en neemt het brood en geeft het hun, en de vissen net zo.

14. Dat was al de derde keer dat Jezus, opgewekt uit de doden, Zich liet zien aan de leerlingen.
Zalig die het Woord van God horen en er gehoor aan geven!


Credo:  In antwoord op Gods Woord willen wij samen ons geloof belijden:
Wij geloven in God - Schepper van hemel en aarde.
Heer over alle machten

Die om ons van alle macht heeft afgezien
en in Jezus de prijs heeft betaald voor onze overtredingen.

Die in eenvoud tot ons kwam,
en werd verraden en vermoord - gekruisigd...

maar Hij overwon de dood!

Na drie dagen opgestaan ten leven
verscheen Hij aan vriend en vijand;

weer in Zijn hemels rijk terug zond Hij Zijn Geest
die ieder mens bezielen wil tot leven in de Heer.

Tot  een geméénschap van heiligen,
door een doop, door vergeving van zonden,

tot leven in  der eeuwigheid.  Amen

Preek
Genade zij u en vrede van God onze Vader en van Jezus Christus, onze Heer, door de Heilige Geest.

Lieve mensen,

Voor ons is het af en toe een beetje bizar om over mensen en volkeren te horen spreken als over (kostbaar) vee, maar de Bijbel staat er bol van.
Wij gaan zelf als samenleving nogal slordig om met de dieren in ons land, behalve als we hobbyboer zijn, of als het om huisdieren gaat.
In Nederland wordt vee verbouwd alsof het tuinbonen zijn, zoveel mogelijk per vierkante meter en daar worden allerlei kunstgrepen voor uitgehaald die het welzijn van onze nationale portemonnaie méér op het oog hebben dan het welzijn van dieren. Niet alleen dat ze het daglicht vaak niet zien, maar ook worden ze heel Europa doorgesleept om maar een stempeltje te krijgen, waardoor ze voor een hogere prijs kunnen worden verkocht.
Nee, ik ben niet bezig u lid te maken van de Partij voor de dieren, maar wij mogen dit punt misschien wel in gedachten houden bij de Europese verkiezingen, over drie weken, want God kijkt ook daarbij over onze schouder mee.

Als Hij de regering van Israël en Juda al op de vingers tikt, omdat ze met Zijn volk omgaan, zoals slechte, egoïstische herders, die niets om het vee geven, maar alleen op eigen gewin uit zijn, hoeveel te meer zal Hij ons dan wel verwijten mogen maken, als wij geen haar beter zijn?
En… als wij al geen zorg hebben voor Zijn schepsels die zelf niet kunnen protesteren, zouden wij dan wel zorg hebben voor de kwetsbare mensen in onze samenleving?
Alles wijst er op dat dit niet het geval is!
Maar vanaf het begin heeft de Heer toch gestreefd naar een wereld waarin mensen met dieren en planten respectvol zouden omgaan
Wij, die al eeuwen lang het voorrecht hebben de Bijbel te kennen, moesten dat toch weten.
We hadden zeker als kerken allang moeten protesteren tegen de onmenselijke behandeling van de schepping in zijn geheel…
Ja, geprotesteerd is er wel, een beetje. Maar het wordt tijd dat wij als maatschappij daar allemaal in ons leven iets aan gaan doen. En in elk geval als christenen.

God heeft er in elk geval alles aan gedaan wat Hij kon, want in Jezus heeft Hij alles op het spel gezet om deze wereld weer voor Zich terug te winnen.

Jezus, die Zijn leven gaf voor U en mij.
En ook voor heel deze wereld.
Ja, Hij gaf meer dan Zijn leven, en Luther noemde dat: een vrolijke ruil. Op het kruis wordt het eeuwige leven van Godswege verruild voor ons beperkte leven. Ons toch wel hier en daar zondige leven.
Jezus neemt ons leven en sterft daaraan. God geeft nu in ruil daarvoor aan ieder die in Hem gelooft - en daarnaar durft te leven - het eeuwig leven.
Ook u en mij. Een geweldig geschenk!

Niet dat dit een makkelijke weg is: dat leven uit het geloof…  

Wereldwijd wordt geen groep zoveel vervolgd als de Christenheid. Nog steeds!
De cijfers zijn schokkend.
Nog maar onlangs is er in de Europese Unie een motie aangenomen, die maakt dat Christen-vervolging in het buitenland nu ook een onderwerp is dat het gedrag van de EU naar die landen toe mee bepaalt. Naast het beleid ten aanzien van vrouwen en homoseksuelen, dat ook nuttig is.

Als je om je heen kijkt, dan is deze wereld, ook al zitten wij in een heel knus en warm hoekje daarvan, nog ver, heel ver, verwijderd van het ideaalbeeld dat God daarvan heeft en dat Hij ons voorhoudt om naar te streven.

En toch…

Al in de tijd van Ezechiël kon men weten dat het niet hopeloos was. Hoe moeilijk de tijden ook waren. Dat er ooit verandering in zou komen, immers: dat had God Zelf gezegd.
Ezechiël was zelf een profeet uit de hier aangeklaagde priesterklasse. Hij profeteerde tussen 593 en 571 V C. tijdens de ballingschap in Babylon. In onze lezing spreekt hij niet alleen harde woorden tegen de leiders van het volk, maar hij spreekt het volk ook moed in. God zal immers Zelf de Herder zijn, de echte Leider van het volk. Hij zal de zwakke kracht geven, het gebrokene verbinden, de uiteengejaagde kudde, die geen vast punt meer heeft, een nieuwe, goede schaapskooi geven, rust en genoeg om van te leven.

Dat mogen wij ons ook aantrekken, want in onze, aan goederen en onrust rijke, samenleving, waarin de mensen worden opgejaagd en opgeofferd op het altaar van de heilige economische groei, komen wij steeds meer tekort.
Innerlijke vrede, tijd om ons te ontspannen. Om op adem te komen. 24 uur per dag en 7 dagen per week werken en klaarstaan voor anderen gaat in tegen de scheppingsorde.
Zes dagen werken, en een dag om op adem te komen, zo is het bedoeld.
Het is aan ons om daarin zelf de keuzes te maken.

Keuzes met het oog op het leven dat God voor ons heeft weggelegd. Dat leven waarover is geschreven in de brief die wij lazen.
Daar gaat het om onze daden. Want ‘daaruit blijkt ons ontzag voor God zolang wij hier als vreemdelingen wonen’ staat er.
Wij vreemdelingen? Horen wij hier niet?
In ons eigen land?
Nee, lezen we. Daar staat: uit dit zinloze bestaan, dat u van uw voorouders hebt gekregen, bent u niet vrijgekocht met iets dat vergaat, met zilver of goud, maar door Christus, het Lam zonder smet of gebrek.
Wij zijn nu bedoeld voor een andere wereld.
En dat vraagt nogal wat van ons.
Met het oog op de toekomst, maar ook met het oog op de wereld waarin wij leven.
Het is Gods wereld, waarin wij leven.

Het verhaal in het Evangelie dat wij lazen, laat ons daar iets van zien.
Het lijkt op het eerste zicht een wat mistig verhaal van mensen die, na hun grote verlies, wat doelloos rondlopen, en in een poging om weer greep op het leven te krijgen, maar de gewone dingen gaan doen. Ze gaan vissen. En ze vangen niets.

Misschien hebben ze hun hoofd er niet helemaal bij, misschien was het weer er niet naar, daar schrijft Johannes niets over, daar gaat het niet om.
Langzaam varen ze weer naar het strand, en daar zien ze een figuur die vraagt of ze soms iets te eten hebben. Het woord dat gebruikt wordt is wel vertaald met 'toespijs'. Bijgerecht, iets voor op brood, zouden wij zeggen, maar het betekent ook gewoon: proviand, voedsel.
Duidelijk is het hier dat het om vis gaat.
Nee, ze hebben niets gevangen.
De figuur aan het strand zegt niet: Jammer, maar Hij stuurt ze terug, om opnieuw het net uit te werpen. Aan stuurboord, aan de rechterkant van het schip.
En ze vangen een net vol met grote vissen.
153 grote vissen.
Dat is niet zómaar een getal!!!
Het is een getal dat de grote Naam van God aanduidt.
In het Hebreeuws heb je geen aparte cijfers, maar daarin hebben letters cijferwaarde.
abc 123, j k l 10 20 30 q r s 100 200 300
En zó kun je woorden en namen in getallen uitdrukken. Dat is een hele wetenschap, en daarin zijn allerlei mystieke verbanden gelegd, al eeuwen geleden, en ook al in Jezus' dagen. Johannes doet het ook. Dit staat er niet voor niets. 153 = 9 x 17.
3 x 3=9, en 3 is het getal van de hemel. Dus van God. (Boekje van Boendermaker over liturgie).
17 is het getalswaarde van de Naam van de Aanwezige.
Deze grote vangst komt dus dubbel en dwars van God. 153 vissen komen van GodZelf!

Hier zien wij iets van Gods erbarmen. De leerlingen waren geroepen om vissers van mensen te worden, maar ze zouden, zonder Jezus, bij God niet weten hoe ze dat moesten doen. Van pure ellende waren ze maar gewoon gaan vissen. Maar de vangst is niet gewoon, die laat zien dat God hen nog steeds in Zijn dienst wil hebben.
Gods Naam staat geschreven in de vissen, in de natuur, in deze wereld, in Zijn schepping.
En Jezus nodigt hen uit om samen met Hem te ontbijten. Zo worden ze bemoedigd, fysiek én geestelijk.
Wij mensen hebben zo'n duwtje in de rug vaak zo nodig als het leven moeilijk is. En God geeft dat.
Soms door iemand die zegt: Kom op, laten we samen een kopje koffie gaan drinken!
Soms doordat God je laat zien dat je leven niet zinloos is.
Dat er nog van alles voor je te doen is, zelfs als je zelf niet ziet hoe en wat.
Soms is het een tekst, die je treft, soms is het een lied of een gedicht. Of een zonnestraal op een gewone bloem, die daarmee een bericht van God speciaal voor jou wordt. Het zijn niet altijd netten vol, maar het is wel altijd een bericht van God aan U, aan jou, persoonlijk. Maar je moet het wel zien!

Johannes herkende Jezus niet aan Zijn figuur of Zijn stem, hij herkende Hem met zijn hart.

Wij lezen in de bijbel dat de Heer na de Opstanding iets heeft, dat anders is. Al herkennen de Emmaüsgangers Hem aan de littekens in de polsen wanneer Hij in gebed de handen opheft naar Zijn Hemelse Vader. Maria Magdalena herkent Hem pas als Hij haar bij haar naam noemt.

Misschien is het zoals in een droom, dat kent U wel: iemand ziet er volslagen anders uit, maar je weet toch dat het die en die is.
Daar twijfel je dan niet aan. Zelfs klopt het uiterlijk niet.
Zo kan het ook zijn, dat wij Jezus, God, niet altijd herkennen in mensen die op ons pad komen.
Maar ons hart kan de woorden, gebaren, liefde, herkennen als iets van Godzelf.
En dan krijgen wij oog voor een nieuwe toekomst.

De leerlingen werden alsnog de mensen die zij moesten worden: vissers van mensen.
Ook voor ieder van ons heeft God een weg te gaan, een weg naar Hem, een weg naar mensen en dieren om ons heen.
Als wij ons voeden met het Woord van God, als wij ontbijten met Jezus, dan zal de Heilige Geest ons leiden en helpen om onszelf te zijn.
Om de mens te zijn die wij mogen worden, in Gods liefde, en om een steentje bij te dragen aan de opbouw van Gods koninkrijk op aarde.
Dat Rijk, waar Hijzelf regeert en zorgt voor wie en wat dat nodig heeft.
Hij stelt er prijs op, dat wij meewerken.
Zo waarlijk helpe ons God Almachtig. Amen.

Muziek

Alles wat wij hebben, hebben wij van God gekregen, om  door  te geven, om met velen te delen en er zo dubbel van te genieten.  
Ook nu en hier kunnen we gestalte geven aan dat delen:   in de collecte.       
Na het gebed over de gaven zingen wij NL 647
Nu eerst de Collecte voor De Luther Stichting
Diaspora-gift voor kerk- en gemeentecentrum in Jekaterinburg. In Jekaterinburg, een stad met 14 miljoen inwoners, leeft de bevolking in het spanningsveld tussen traditie en vooruitgang, atheïsme en orthodoxie, armoede en rijkdom. In dat spanningsveld staat de kleine Evangelisch-Lutherse Gemeente, die gerichte hulp biedt aan sociaal zwakke gezinnen. Men wil deze activiteiten graag uitbreiden. Er zijn vergevorderde plannen voor ruimtes die gerealiseerd kunnen worden in een multifunctioneel kerkgebouw. De Martin Luther Bund zal dit project ondersteunen. Vandaar dat onze gift zeer welkom is.

Gebed over de gaven

Lieve God, U geeft U Zelf aan ons.
Wij bieden U ons eigen leven aan.
Neem het, zoals U ons geld aanneemt.
Dat het dienstig mag zijn voor U.
In de geest van Jezus - die ons voorging.
Amen.

Lied 647NL 


Voor mensen die roepend,  tastend en zoekend
door het leven gaan:  verschijnt hier een teken,
brood om te breken,  wij kunnen bestaan.

Voor mensen die vragend,  wachtend en wakend
door het leven gaan:  weerklinken hier woorden,
God wil ons horen,  wij worden verstaan.

Voor mensen die hopend,  wankel gelovend
door het leven gaan:  herstelt God uit duister
Adam in luister:  wij dragen zijn naam.

Voorbeden:
Laten we danken en bidden:
Goede God, Vader, Heer, Schepper van hemel en aarde, van alles wat er is, en waar wij geen idee van hebben, wij aanbidden U, en wij danken U dat wij van U mogen weten. Dat wij in Jezus iets van U hebben mogen zien, dat wij in Hem iets van Uw liefde hebben leren kennen.
Heer, wij bidden U om Uw erbarmen voor deze wereld, die er zo erbarmelijk aan toe is op veel punten.
Wij bidden U voor de meisjes die in Panama vermist worden, en voor hun ouders. Voor de honderden schoolmeisjes die in Afrika zijn ontvoerd om als seksslaven te dienen, maar wij bidden ook voor de gezinnen van de Moslimbroeders die en masse veroordeeld zijn in Egypte, en in het bijzonder bidden wij voor de Christenen die wereldwijd worden vervolgd.
Zo bidden wij U: Heer ontferm U.

Vader van genade, barmhartige en liefdevolle, wij danken U voor de plek waar wij mogen leven, voor de vrede en veiligheid, waarin wij nog onbelemmerd mogen zingen van Uw trouw en overwinning op het kwaad.
Maar om ons heen zien wij mist en donkere wolken die ons bang maken. Wij bidden U voor de landen die in oorlogen verwikkeld zijn, en die dat dreigen te worden. Voor Syrië en heel het Midden-Oosten bidden wij, maar ook voor de landen in Afrika, waar de stammen elkaar naar het leven staan, dwars door godsdienstverschillen heen.
Wij bidden U ook voor de Oekraïne, dat wordt gemanipuleerd door de Russen, en wij houden ons hart vast, omdat een nieuwe oorlog dreigt, en in feite al gaande is.
Ook voor Israël bidden wij, en voor zijn buren en bedgenoten. Voor alle regeringsleiders, die er niet om geven dat mensen de dupe worden van hun streven naar groter, machtiger en meer.
Wij bidden voor al die miljoenen slachtoffers, die op de vlucht zijn voor armoede en geweld, voor uitbuiting en wreedheid. En voor de slachtoffers van natuurrampen, zoals in Afghanistan.

Liefdevol bent U en goed, Heer, en wij danken U dat wij dat mogen ervaren.
Help ons door Uw Geest en Haar gaven de weg te vinden in dit leven die naar U en de naaste leidt, en die recht doet aan al het leven om ons heen, aan heel Uw schepping…
Wij danken U voor deze warme gemeente, voor Wil, die vandaag haar 94ste verjaardag mag vieren, voor Uw erbarmen in haar leven, ook in het moeilijke jaar dat achter haar ligt. Wil haar ook verder genezen.
Wij bidden U ook voor zieken in deze gemeente, en in het bijzonder voor Maartje Bronsveld, die het zo moeilijk heeft…
En op deze vierde mei bidden wij U voor hen die vielen, die het offer van hun leven gaven voor ons land, of wie het bruut ontnomen werd.
Heer, ontferm U.
In de stilte van dit moment bidden wij U voor hen die ons na aan het hart liggen…


En mét Jezus zeggen wij samen:
Onze Vader, die in de hemel zijt,
Uw Naam worde geheiligd
Uw Rijk kome
Uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood
En vergeef ons onze schulden,
Zoals wij aan anderen hun schuld vergeven
En leid ons niet in verzoeking
Maar verlos ons van het kwade
 

Ons slotlied is Psalm 1: 1 en 2 U mag Hij of Zij zingen.

Zij is een groene boom die staat geplant
waar waterbeken vloeien door het land.
Haar loof behoeft de droogte niet te duchten,
te goeder tijd geeft zij haar rijpe vruchten.
Gezegend die zich aan Gods wetten voedt:
het gaat haar wel in alles wat zij doet.

Zegen:
Gods zegen draagt ons door dood en doop heen naar het leven in eeuwigheid.
Gods Geest geeft ons de woorden van eeuwig leven in de mond, en de moed in ons hart.
Gods geliefde Zoon gaat aan onze zij, wanneer we hier vandaan gaan.

Zo zijn we dan gezegende mensen,
in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.