Voor eerdere diensten klik hier:

Zondag Invocavit 14-2-2016 in de Lutherse kerk in Zeist.

Organist: Jan Bouts


Orgelspel
 
Afkondigingen.

Stilte

Wij zijn hier aanwezig in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.  
Amen

Onze Hulp is in de Naam van de Heer    
die hemel en aarde gemaakt heeft.

God van hemel en aarde,  
God van leven en dood, van dood en leven,  
wij staan voor U met lege handen, met besmeurde handen,  
met een geweten dat zich niet tot rust laat brengen.

U zo groot, wij zo bijna niets,
en toch verwaand en overtuigd van eigenwaarde,
tot we de gevolgen zien van wat we deden.

Wij zijn nergens, Heer,
als U ons rekenschap vraagt.
Daarom smeken wij U om genade;
daarom vragen wij U:
vergeef ons al wat wij misdeden,
en laat ons weer in vrede leven.

Amen.

Zo lief had God deze wereld, dat Hij Zijn enige Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt, en eeuwig leven mag hebben.

Introïtus lied 1016: 1 en 2


Wij gaan waar onze voeten gaan,
God zet ons op het spoor
naar vrede en gerechtigheid,
Zijn voetstap gaat ons voor.
Sjaloom, sjaloom, Jeruzalem.
Sjaloom, Jeruzalem.

Laten we de Heer aanroepen om ontferming met de grote nood van deze wereld, - oorlog, vervolging, armoede, aardbevingen, noem maar op! Wij durven dat, omdat wij mogen geloven en vertrouwen dat er aan Zijn barmhartigheid geen einde komt!



Zondagsgebed:
Heer, wij roepen U aan, in het vertrouwen dat U ons hoort, dat U hier bent…
Wij roepen U aan voor allen die niemand hebben, voor allen die U niet kennen…
…voor allen die onderweg zijn naar een onzekere toekomst. Wil hun Gids zijn, wees de Weg die ze gaan, wijs hen het doel dat Liefde is.
en leer ons op te komen voor die Liefde, door Jezus Christus, onze Heer.           
Amen.

Lezing Oude Testament: Deuteronomium 5: 6 – 21
Willibrordvertaling.

Voordat het volk eindelijk het beloofde land zal binnen gaan herinnert Mozes hen er aan hoe het geweest is, en dat de Heer, bij het sluiten van het Verbond op de Horeb het volgende zei:

6 “Ik Ben de HEER uw God, die u uit Egypte heeft geleid, dat slavenhuis.
7 U zult geen andere goden hebben ten koste van Mij.
8 U zult geen beelden maken in de vorm van enig wezen boven in de hemel, beneden op de aarde of in de wateren onder de aarde.
9 Buig niet voor hen en vereer hen niet, want Ik, de HEER uw God, ben een jaloerse God, die de schuld van de vaders wreekt op hun kinderen tot in de derde en vierde generatie van degenen die Mij verwerpen.
10 Maar Ik bewijs goedheid tot in de duizendste generatie van degenen die Mij liefhebben en Mijn geboden onderhouden
11 U zult de Naam van de HEER uw God niet lichtvaardig gebruiken, want de HEER laat hen die Zijn naam misbruiken niet ongestraft.
12 Onderhoud de sabbat: die moet heilig voor u zijn, zoals de HEER uw God heeft geboden.
13 Zes dagen kunt u werken en al uw arbeid verrichten,
14 maar de zevende dag is de sabbat voor de HEER uw God. Dan zult u geen enkele arbeid verrichten, u niet, uw zoon niet, uw dochter niet, uw slaaf niet, uw slavin niet, uw rund niet, uw ezel niet, uw overige vee niet en ook niet de vreemdelingen binnen uw poorten. Dan kunnen uw slaaf en uw slavin uitrusten, evenals uzelf.
15 Bedenk dat u slaaf bent geweest in Egypte en dat de HEER uw God u met sterke hand en uitgestrekte arm uit dat land heeft geleid. Daarom heeft Hij u geboden de sabbat te onderhouden.
16 Eer uw vader en moeder, zoals de HEER uw God u heeft geboden. Dan zult u lang leven en gelukkig zijn op de grond die Hij u schenkt.
17 U zult niet doden.
18 U zult geen echtbreuk plegen.
19 U zult niet stelen.
20 U zult niet vals getuigen tegen uw naaste.
21 U zult uw zinnen niet zetten op de vrouw van uw naaste. U zult niet uit zijn op het huis van uw naaste, noch op zijn land, zijn slaaf of zijn slavin, zijn rund of zijn ezel, of iets dat hem toebehoort.''

Tot hiertoe de lezing… Hierna vraagt Mozes het volk zich bewust aan te sluiten bij dit verbond.
En dat doet deze lezing ook met ons.    

De graduale: psalm 4: 1 en 3 haakt aan bij de antifoon van deze dag: Roep je Mij aan, dan geef Ik antwoord, in de nood zal Ik bij je zijn. ps 91:15

3. Ik kan gaan slapen zonder zorgen,
want slapend kom ik bij U thuis.     
Alleen bij U ben ik geborgen.
Gij doet mij rusten tot de morgen
en wonen in een veilig huis.

Epistel: Romeinen 10:8 - 13.

Afgelopen vrijdag zei de bisschop van Den Bosch, mgr. Hurkmans, bij de opening van het Jeroen Bosch-jaar, dat Luther in Erfurth op zoek was naar een vriendelijke God. In de werken van Jeroen Bosch zien we dat er veel aandacht is voor zonde, hij gaat er zo te zien van uit dat we allemaal, door onze mateloze lust en hebberigheid in de hel zullen belanden. Dàt is de achtergrond van Luthers zoeken naar een andere God. Die vindt hij in dit hoofdstuk, dat gaat over de gerechtigheid uit het geloof.
Maarten Luther ontdekte hier dat hij niet gered werd door de goede werken, maar dat God ons vrijspreekt op grond van het geloof.
Het geloof, en de goede werken die daaruit voortvloeien, zijn niet te hoog en niet te zwaar voor ons, ze spreken vanzelf net als de regels van de 10 levenswoorden, wanneer je denkt aan Gods bevrijdend handelen... We lezen in Romeinen 10:8 etc.:

8. Maar wat staat er (in de Schrift):
’Dit woord is heel dicht bij je, (namelijk) in je mond, en in je hart!’ Dat is het geloofswoord dat wij verkondigen.
9. Want als je met je mond Jezus als Heer belijdt, en je gelooft in je hart dat God Hem heeft opgewekt uit de dood, dan zul je gered worden.
10. Immers, het geloof van het hart leidt tot gerechtigheid, en de belijdenis van de mond leidt tot redding.
11. Want de Schrift zegt: ‘Niemand die in Hem gelooft zal worden beschaamd.’
12. Er ís immers geen onderscheid tussen Joden en Grieken, want Hijzelf is Heer over allen, rijk (is Hij) in allen die Hem aanroepen.
13. Want (staat er): ‘Iedereen die de Naam van de Heer aanroept, zal gered worden.’
Tot hiertoe dit korte stukje uit dit hoofdstuk.
Lees het later thuis nog maar eens helemaal!
Laten we zingen van die grote Heer…

Lied 885

2 Gij geeft ons vrede, vergeving van zonden,
en Uw nabijheid, die sterkt en die leidt;
kracht voor vandaag, blijde hoop voor de toekomst,
Gij geeft het leven tot in eeuwigheid.
Groot is Uw trouw o Heer, Groot is Uw trouw o Heer,
iedere morgen aan mij weer betoond.
Al wat ik nodig had, hebt Gij gegeven.
Groot is Uw trouw, o Heer, aan mij betoond.

Het Heilig Evangelie staat geschreven bij: Johannes 5: 19 -23.
Hiervóór heeft de Heer in Bethesda een lamme genezen, die zijn slaapmatje op moest nemen en gaan. Maar dat genezen deed Jezus op de Sabbat, en daarop wordt Hij aangevallen. (En op het feit dat Hij die man zijn slaapmatje laat dragen.)
Jezus antwoordt dat Hij doet zoals Zijn Vader, die nog steeds doende is.
Dan willen de Joden Hem doden, omdat Hij de sabbat teniet doet, en omdat Hij God Zijn Vader noemt, en dus verklaart dat Hij Godgelijk is.
Aldus Johannes. We lezen verder:
19 Hierop nam Jezus opnieuw het woord: `Waarachtig, Ik verzeker u: de Zoon kan niets uit eigen kracht, Hij kan alleen maar wat Hij de Vader ziet doen: wat Deze doet, doet de Zoon eveneens.
20 De Vader houdt immers van de Zoon: Hij laat Hem alles zien wat Hijzelf doet; Hij zal Hem zelfs nog grotere daden laten zien, zodat u versteld zult staan.
21 Zoals namelijk de Vader de doden laat opstaan en tot leven brengt, zó brengt ook de Zoon tot leven wie Hij wil.

22 Ook oordeelt de Vader de mensen niet meer Zelf, Hij heeft het oordeel geheel en al aan de Zoon toevertrouwd.
23 Zo zal de Zoon dezelfde erkenning vinden als de Vader. Wie de Zoon niet erkent, erkent ook de Vader niet die Hem gezonden heeft.
ZALIG DIE HET WOORD VAN GOD HOREN EN ER GEHOOR AAN GEVEN
Wij danken God!

Credo
In antwoord op Gods Woord willen wij ons geloof belijden:

Ik geloof in God,
            die wilde dat de wereld goed was,
            die mensen en dieren maakte,
            planten en bomen,
            vogels en vissen,       
en er van hield.

Ik geloof in God,
            die als een vader zorgen wil,
            die als een moeder ons omringt.

Ik geloof in Jezus -
            in wie Gods Liefde mens werd,
                        om ons lot te delen
                        ons leven, onze dood,
            die dwars door alles heen
            vast hield aan Zijn Vader -
en angst en dood overwon -
stervend aan het kruis.

Hij ging door de hel,
maar stond óp tot nieuw leven:
            de derde dag.

Ik geloof in de Geest
die Jezus ons zond,
            om ons dichter dan ooit
            bij God te doen zijn.
            Zij bidt en zingt en dankt in ons;
            geeft ons nieuw leven,
in eeuwigheid.

Daarom durven wij geloven
in goedheid, gerechtigheid, trouw....
... in Liefde en toekomst
zelfs voorbij de dood....
... in een kerk, waar mensen zijn
            als één lichaam, dat bestuurd wordt
                        door Jezus, ons Hoofd....
... in een doop, die mensen nieuw maakt...
... in vergeving, in genade en hoop -
voor gewone mensen zoals wij. Amen.


Preek
Genade zij u en vrede van God onze Vader en van Jezus Christus, onze Heer, door de Heilige Geest.

Lieve Gemeente, lieve vriendinnen en vrienden, broeders, en zusters…

Op de drempel van deze dienst kwamen een heleboel dingen samen, die niet zo gemakkelijk te combineren zijn.
Aan de éne kant is daar de onophoudelijke stroom van beelden van gruwel en geweld, van oorlog en van vluchtelingen, maar ook zijn er mensen die zeggen dat wij hen er hier niet bij kunnen hebben, zonder dat er werkelijk ernst gemaakt lijkt te worden met het oplossen van de problemen, die al die mensen doen wegvluchten van huis en haard. Eveneens zagen we de gevolgen van de aardbeving in Taiwan. En misschien hebben velen van ons ook de beelden gezien van de opening van de Jeroen Bosch tentoonstelling, ik had het er al over. Knap en mooi geschilderd, maar hij gaat uit van een heel negatief mensbeeld, en ook heeft hij kennelijk geen vrolijk beeld van God
Aan de andere kant werden we de afgelopen weken doodgegooid met de mededeling dat het vandaag Valentijnsdag is, en dat je pas gelukkig bent wanneer anderen laten merken dat ze gelukkig zijn met jou. Dat ze van je houden.
Liefst door een mooi cadeau te geven natuurlijk.

Ik denk dat wij hier allemaal liever een stuk oprechte aandacht willen, van iemand die om ons geeft. Dan zitten we hier wel goed, want in deze gemeenschap is er een heleboel genegenheid. Genoeg voor iedereen.

Goed, we kwamen dus binnen met al die verschillende invloeden en indrukken, sommigen hebben nog een kaarsje gebrand, en dan mogen we aan het begin van de dienst alles los laten.
Heer, ontferm U zingen. Het in Gods Hand leggen.

Dan betreden we een andere wereld.
Gods wereld. Gods Koninkrijk.
Een rijk met andere wetten en regels dan er, helaas, buiten deze kerkdeuren lijken te gelden.
We hebben de regels gehoord in de eerste lezing.
Ik zou daar wel iets over willen zeggen.
Allereerst, dat die tien levenswoorden in twee gedeelten te lezen en te leven zijn…
Het eerste stuk gaat over onze verhouding met God, en dan pas komt het deel over onze verhouding met elkaar. God komt eerst!

Beide gedeelten beginnen met het vermelden dat het God was, de Aanwezige, die het volk uit de slavernij van Egypte heeft weggehaald.
En daaruit volgt dan vanzelf een dankbare manier van omgaan. Het is dan zonder meer duidelijk dat je geen andere goden naast, of in plaats van, de Aanwezige vereert.
De nakomelingen van Jacob hebben in een paar eeuwen Egypte niet anders gezien dan dat er beelden werden gemaakt van de zon, van dieren en van waterwezens, die werden aanbeden.
Dus zo gek is het niet dat er nog eens op gewezen wordt dat er van zoiets geen sprake kan zijn, als dit volk een verbond wil aangaan met God.
Hij is nogal lichtgeraakt, dat vergeten wij wel eens, en als bijvoorbeeld een vader in een gezin niet om de Heer geeft en Gods geboden niet wil houden, afgoden dient, en daarmee een verkeerd voorbeeld geeft aan de komende generaties, dan worden díe generaties, die met dat verkeerde voorbeeld opgroeien, uitgesloten. Dat klinkt hard. Zij kúnnen er niet bij horen.
Want ze dienen God niet. En dit is Gods volk!

Maar de nakomelingen van degenen die Gods regels wél nakomen, omdat ze van Hem houden, (en daar gaat het natuurlijk om,) die worden duizendvoudig gezegend.
Het Hebreeuws laat zien dat dit allemaal vanzelf spreekt. Als je weet dat God je heeft bevrijd, dan zul je gewoon zo leven. Zo liefhebben.
Dan zul je ook geen negatieve zaken aan Gods Naam koppelen.
Dat gaat dus om meer dan: niet vloeken.
En dan houd je de rustdag in ere, want het is juist een groot geschenk na jaren slavernij!
In Egypte was er geen sprake van een rustdag. Zeker niet voor de slaven. En daarom zal dit volk, als ze later zelf bedienden hebben, ook goed voor hen moeten zijn.
De rustdag is vooral een dag, waarop deze ex-slaven de luxe hebben om tijd te hebben voor God. Tijd te hebben voor geestelijk leven.
Tijd om zich te realiseren hoe goed ze het hebben. Om God te loven en te danken.
En om met elkaar te praten over Gods goede schepping, over al die dingen waarover verliefde mensen praten, die verrukt zijn van hun geliefde.

Het spreekt allemaal vanzelf, als je weet dat God je heeft bevrijd uit een vreselijk lot.
En dat wàs het!

Dan is er het tweede deel van de tien regels, en voor het eerst is er een echt gebod!
Eert uw vader en uw moeder, dat staat in de gebiedende wijs. Respect!!!
Het zou kunnen zijn dat het zelfbeeld van al die mensen, door jaren slavernij, erg negatief was.
Wanneer je in slavernij geboren bent, ben je misschien niet zo heel erg dankbaar voor je leven. Maar letterlijk staat er nu dat je je ouders moet bekijken als mensen van gewicht!
Niet de baas, niet de man met de zweep, niet de Farao, niet de persoon met de grote mond, maar je ouders, want zij zijn het, die je over je God hebben verteld.
En ja, dan spreekt het ook weer vanzelf dat je op een nette manier omgaat met de andere mensen, die ook door God zijn gered, mensen, die ook eerbiedwaardige ouders hebben.
Als je dat doet, zul je lang leven.
Als je tenminste niet vecht met elkaar, niet liegt en bedriegt, niet steelt, en zelfs niet begeert wat van je naaste is.

Om dat te kunnen volbrengen, heb je liefde nodig. Moedige liefde. Liefde die zichzelf niet zoekt.
Je zult van de anderen moeten houden, maar ook van jezelf. Niet als nummer één op de lijst, eerst komt God, dan je ouders, maar zelf mag je er ook zijn. Anders kon Jezus niet zeggen: “houd van je naaste als van jezelf”!

Jezus… ja.
Eeuwen later. Voor Hem is het vanzelfsprekend: houden van God en van de naasten.
Daarom is Hij op aarde gekomen: om te laten zien hoe dat gaat, hoe je dat doet.
Want de eerste fleur is van de liefde wel af bij Gods volk. Een deel van het volk denkt: zal wel, en gaat zijn dagelijkse gang, als een al heel lang getrouwd koppel, een ander deel heeft van die levenswoorden een soort sharia gemaakt.
Zó moet je precies leven, en anders is het niet goed. Je mag op de sabbat bijv. geen dingen dragen, al mag je wel kleinigheden in een zak in je kleren hebben, je mag niet verder dan een sabbatsmijl lopen, je moet zelfs 10% offeren van een handje kruiden uit je tuin
Jezus steekt daar regelmatig de draak mee.
En dat kunnen al die serieuze theologen natuurlijk niet hebben. Het lijken wel Nederlanders.
Zowel in onze eigen Lutherse kerk als in de andere Protestantse kerken hebben we elkaar vaak de maat genomen! En nooit was het goed.
Dat schuurt en dat scheurt.
Gelukkig heeft de kerk een zelfreinigend effect in de Heilige Geest die telkens weer de mensen laat nadenken, en hen tot elkaar brengt.
Samen op weg.

In het verhaal van Johannes heeft Jezus het te bont gemaakt, vinden de Schriftgeleerden.
Hij heeft a) iemand op sabbat genezen, en dat had best een dag kunnen wachten, en b) Hij heeft de genezene de opdracht gegeven zijn slaapmat op te pakken en weg te dragen.
Logisch, mensen zouden er over kunnen vallen, en die avond heeft hij die toch weer nodig.
Zo zien de tegenstanders van de Heer het niet: Jezus heeft volgens hen de poten onder de Sabbatsheiliging uit gezaagd!
En als Hij dan ook nog eens spreekt over God als Zijn Vader, die doende is, dus ook op de Sabbat, en dat Hij net zó doet, dan zijn de rapen gaar.
Jezus moet dood.
Dan kan Hij niemand meer aansteken met zijn Godgeklaagde ketterijen, en dan zullen Zijn volgelingen God niet meer beledigen.
(En je weet maar nooit hoe een beledigde God reageert!)

Zo gek is hun reactie niet… Hoe vaak zouden wij stiekem niet willen dat iemand, die ons of anderen het leven moeilijk maakt, doodviel? Tja…

Maar gaat het wel over dezelfde Sabbatsheiliging bij Jezus, bij God, en bij de Schriftgeleerden?

Als wij luisteren naar Jezus, dan zegt Hij dat Hij doet wat Hij de Vader ziet doen.
En wat zien wij Jezus doen?
Hij vertelt mensen van God, Hij brengt mensen terug naar God, en Hij geneest hen.
Zo heiligt Hij de sabbat, zo heelt Hij de schepping.

Van veel zieken vond men dat ze niet echt deel konden uitmaken van het volk. Ze mochten bijvoorbeeld niet in de tempel komen, om daar Gods lof te zingen. Om daar te danken en te bidden.
Pas als ze genezen waren, pas als de priesters hen hadden gekeurd en rein hadden verklaard, dan hoorden ze er weer bij.
Dat ging trouwens ook op voor menstruerende vrouwen, die mochten evenmin de tempel naderen, en na een bevalling moest de moeder een offer brengen, nadat het vloeien was gestopt.

Jezus brengt mensen door Zijn prediking en Zijn genezingen weer dáár waar God ze graag ziet: in de kring om Hem heen.
En dat is ook waar God de Vader kennelijk al die tijd mee bezig is geweest na de schepping, en vooral na de zondeval: mensen terughalen in Zijn kring van Liefde, van Genade.
Het is geen scheppingswerk meer, wat God doet, maar het gaat verder: Hij zaait leven en liefde in Zijn schepping, om de mensen meer en meer naar Hem toe te laten groeien. Terug naar Hem.
Want na de zondeval was alles veranderd

In Jezus is Hij naar ons toe gekomen, zo kwam Hij ons tegemoet.

God heeft een hekel aan uitsluiting en aan dood.
Die horen niet bij Zijn idee van een goede schepping. En Jezus spreekt daarover.

Hij
spreekt over God, die mensen opwekt uit de dood. Uit de straf op de zonde.
Dan moeten we denken aan een nieuwe schepping, aan een leven voorbij dit leven, een leven voorbij de dood die aan ons aller leven een einde maakt. (Lazarus is maar een voorproefje.)
Daarom moet ook Jezus sterven.
Dan kan Hij straks mensen het eeuwige leven geven. Als God Hèm heeft opgewekt en eeuwig leven geeft.

God
heeft het oordeel aan Jezus over gelaten, lazen we...
Hij oordeelt in liefde. Wij mogen ons leven aan Hem toevertrouwen. Wie in Hem gelooft, en Zijn wil doet, zal eeuwig leven, zegt Hij even verder.

En in de brief aan de Romeinen verklaart Paulus ons die bevrijdende waarheid over Gods genade:
als je met je mond Jezus als Heer belijdt, en je gelooft in je hart dat God Hem heeft opgewekt uit de dood, dan zul je gered worden!

Het was toen, en is nu voor veel Christenen een riskante zaak om hardop te zeggen dat je Jezus belijdt als Heer. Miljoenen Christenen worden vervolgd, zowel door de Islamitische Staat als door vurige aanhangers van andere godsdiensten in Afrika en Azië.
Jezus met de mond belijden, openlijk uitkomen voor je geloof, kan je het leven kosten.
Nog steeds.

Wij lijken ons er niet van bewust te zijn hoe kostbaar de grote Sabbat is waarin wij hier leven!
We zijn zó vrij om God te dienen!
Wij zijn vrij om over Hem te spreken, om Hem lief te hebben! Een heel verschil met de eerste Christenen en mensen als Valentinus!
Van Valentijnsdag is een slap, romantisch aftreksel gemaakt van een liefde die vooral op onszelf is gericht. Maar Valentijn was een martelaar die leefde in de Geest van Jezus, en daarom werd gedood. En juist om die liefde voor anderen leeft hij voort. Daar mogen we zeker van zijn.

Wie leeft in de Geest van Jezus, die respecteert Hem, en respecteert ook Zijn Vader.
Hem mogen wij om Jezus ook Vader noemen.
Hij houdt van ieder van ons, als van Zijn eigen kinderen.
Laten wij dan ook van elkaar houden. Al is het soms lastig. We vinden niet iedereen sympathiek.
Toch maar proberen!
Want in die liefde worden al Gods regels gedaan.
Laten wij van elkaar houden als van geliefde kinderen van God.
Nu gaat Nelly rond met chocoladehartjes.

Neem er een en geef die aan een ander!
Laten we Gods liefde delen met elkaar.
Ook zo zetten we een stap naar de ander.
Dan is het leven goed. Dan leven we met God.
In eeuwigheid.
Amen.

Muziek

De wereld is wijd en Gods goedheid is groot;
vanuit ons aandeel mogen wij helpen en delen,
nu in de collecte, straks in ons leven van alledag weer op allerlei andere manieren.

Na het gebed over de gaven zingen wij: lied 994

Maar nu de Collecten voor de kerk en voor Kerk in Actie/ waarin de veertigdagentijd ons oproept om op weg te gaan naar de ander.

Gebed over de gaven

Lieve God, wilt U alstublieft zegenen wat we hier bij elkaar hebben gebracht,
zodat het is tot eer van Uw Naam,
en zodat het Uw gemeente wereldwijd ten goede komt.
Laat het een offer mogen zijn, dat onze dankbaarheid en liefde uitdrukt, door Jezus Christus, onze Heer.  Amen

Laten we biddend zingen: lied 994

De sterken, die bewaken de wegen met hun woord:
dat zij ook zullen dragen de zwakken in de poort,
want hoofd en lichaam zijn in pijn en niemand wordt behouden,
als díé verlaten zijn!

Wij bidden ook om vrede, de aftocht van geweld:
Heer, dat wij niet vergeten, hoe Gij de namen telt,
bewaar het land voor overmoed en voor het blinde razen,
de stemmen van het bloed.

O God, Gij moet regeren tegen het onverstand:
wij dienen vele heren tot schade van het land.
Gij zijt genade, Uw bevel doet leven en vergeven,
o God van Israël!

Voorbeden
Laten we danken en bidden:

Goede God, God van liefde en genade,
wij danken U voor allen die ons van U hebben verteld, wij danken U voor onze ouders en grootouders, voor mannen en vrouwen in de kinderkerk, voorgangers en musici, voor theologen als broeder Maarten, en al die anderen.
Wil het geloofswoord, dat ze ons hebben doorgegeven vruchtbaar maken in ons leven, zodat wij het met woorden en daden kunnen doorgeven, en zo getuigen van Uw grote goedheid.

Liefdevolle God, wij worden telkens opgeschrikt door meer leed dan wij kunnen verdragen.
Juist het leed van anderen valt ons zwaar, omdat we zo weinig kunnen doen.
Wek dan dagelijks in ons het gebed voor alle zieken in ons leven, voor de armen en thuislozen, voor de wanhopigen en moedelozen, voor de vluchtelingen en voor hen die proberen hen op te vangen, vaak met beperkte middelen.
Als wij ons huis niet voor hen kunnen openstellen, geef dan dat wij ons hart voor hen openstellen. Door Uw Geest van liefde.

Milde God, wij danken U dat wij U zo mogen kennen, als een God vol meeleven, die het beste voor ons wil. Daarom durven wij ons leven bij U neer te leggen…
In stilte doen wij dat nu…

Maar samen bidden wij ook voor de zieken van onze gemeente, met name voor Wilma Steinhart, die hier zo graag had willen wezen, maar die veel tegenslag en ziekte kent… Laat zij Uw trouwe zorg en die van de gemeente mogen ervaren, dag aan dag. 
Dat bidden we ook voor de familie Kaatman, die een moeilijke tijd doormaakt na revalidatie, en opziet tegen de veranderingen die hun samenleven nu doormaakt.
Voor onze eigen Herman Hamers bidden we dat de behandeling een goed resultaat mag hebben, en dat hij zijn gezondheid terug krijgt.

Vol vertrouwen op Uw goedheid leggen wij hun en onze levens in Uw handen, en wij bidden samen met Jezus die het ons leerde:
Onze Vader, die in de hemel zijt,
Uw Naam worde geheiligd,
Uw Rijk kome
Uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood
En vergeef ons onze schulden,
Zoals wij aan anderen hun schuld vergeven...
En leid ons niet in verzoeking
Maar verlos ons van het kwade,
want van U is het Rijk, en de Kracht en de Heerlijkheid in eeuwigheid.
Amen.

Ons Slotlied is lied 754: 1 en 2

God almachtig boven mate, die zo nederig verscheen,
keer opeens terug en laat ons nooit meer, nooit meer hier alleen.
Laat ons in de kerk U prijzen met Uw heiligen omhoog
tot in 's hemels paradijzen wij U zien van oog tot oog.

Zegen:

Mogen de moed en de liefde van Valentijn
uw hart en uw denken verlichten.

U bent geroepen om tot een zegen te zijn,
een zegen voor velen.

Beeld van Gods liefde in woord en daad.

Daartoe zegent en vervult U nu: God -
de Vader, de Zoon en de Heilige Geest:
van nu aan tot in eeuwigheid.
Amen

Wat Gij eenmaal zijt begonnen
o voltooi het: maak ons rein,
tot de wereld is gewonnen
en in U hersteld zal zijn,
tot wij eeuwig bij U wonen,
schrijdende van licht tot licht,
leggend onze gouden kronen
zingend voor Uw aangezicht.

Daarna dronken we samen koffie en genoten we van chocola, koek en een goed gesprek.
En ik werd verwend met een héél lief en zeer welkom geschenk: