Voor eerdere diensten klik hier:

Zondag Cantate3-5-2015 in de Lutherse kerk te Leerdam.

Organist:  Ina Mostert  (alles uit het Nieuwe Liedboek)

Voorganger: Gea Voerman - van Haselen

Liturgie zondag Cantate 3-5-2015 Lutherse kerk te Leerdam

Afkondigingen en aansteken van de kaarsen door ouderling van dienst.

Mag ik u vragen op te staan…?  
Wij willen hier gedenken Hendrika Mostert – van Iterson, schoonzus van onze Ina Mostert.
Ze is 26 april 2015 overleden, en Detlev heeft haar afgelopen donderdag mogen begraven. 
Ook al is de familie intens verdrietig, ze zijn ook heel erg trots en vol respect voor de wijze waarop zij haar leven heeft geleefd. 
20 jaar lang was zij erg ziek, ze had veel pijn, maar dankzij haar grote levens-kracht kon ze steeds blijmoedig zeggen: Met mij gaat het altijd goed! Het was een aardige lieve vrouw. 
Daarom willen we als teken van respect voor haar, maar ook voor de laatste doden van vlucht MH17, die gisteren thuis kwamen, zingen lied 730
:1

Gaat u zitten...

Wij zijn hier aanwezig in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.       
Amen

Onze Hulp is in de Naam van de Heer    
die hemel en aarde gemaakt heeft.

Heer, vergeef ons al wat wij misdeden,
en laat ons weer in vrede leven.
Amen.

Zo lief had God deze wereld, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt, en eeuwig leven hebben mag!

Introïtus:
De Antifoon voor deze zondag luidt:
Halleluja, zingt voor de Heer een nieuw lied. Wonderen heeft Hij verricht, Halleluja!
Wij zingen: Psalm 98d. Ik hoop dat iedereen die dat kan ook de melodie meezingt, het refrein zal zeker wel lukken…

Halleluja, zingt voor de Heer een nieuw lied. Wonderen heeft Hij verricht, Halleluja!

Kyriëgebed:
Laten we de Heer aanroepen om ontferming met de nood van deze wereld, - die is groot, we hoeven maar aan Nepal te denken! -
maar ook om ontferming met hen die in rouw zijn, zoals de familie en vrienden van Riet Mostert, en voor al die mensen die geliefden en vrienden misten in de recente vliegrampen,
en laten wij dan toch juist Gods Naam prijzen,
omdat er aan Zijn barmhartigheid geen einde komt!

Zondagsgebed
Heer God, hemelse Vader, zoals alle engelen U aanbidden, zo zouden wij Uw lof willen zingen, als wij dat konden.
Daarom vragen wij U: zend ons Uw Heilige Geest, opdat Zij ons leert om samen met hén Uw heilige lof te zingen, en U te verheerlijken, totdat wij eenmaal samen met alle heiligen U in alle eeuwigheid mogen toezingen in liefde en geloof, door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.

Lezing Oude Testament: Deuteronomium 4:32-40

Mozes vat aan het eind van de veertig jaren in de woestijn voor het volk samen, hoe het allemaal is gegaan. Hoe de Aanwezige hen heeft uitgeleid uit Egypte, en hoe ze telkens weer tegen Hem in opstand kwamen... En hoe geduldig God is geweest...
Ze staan nu voor de Jordaan, voor het beloofde land…
We lezen:

32. Maar vraag het maar na, of er in vroeger tijden, voor je er zelf was, vanaf de dag dat God Adam schiep op aarde, ja, van het ene uiteinde van de hemel tot aan het andere uiteinde van de hemel, ooit zo iets enorms tot stand gebracht is, of dat er ooit zo iets is gehoord....
33. Heeft er soms ooit een volk Gods stem horen spreken van uit het hart van het vuur, zoals jij die gehoord hebt, èn het overleefd?
34. Of (heb je ooit gehoord) dat God de moeite heeft genomen Zich een volk te gaan halen vanuit het midden van een (ander) volk... met behulp van plagen, wonderen, voortekens, en zelfs met oorlog en harde hand en uitgestoken arm, en grote verschrikkingen, zoals alles wat Hij, de Aanwezige, jullie God, in Egypte voor jullie gedaan heeft, vóór jullie ogen....?
35. Je hebt het gezien, zodat je kunt weten dat Hij, de Aanwezige, God is - er is geen ander buiten Hem.
36. Vanuit de hemel is je Zijn stem te verstaan gegeven, om je instrueren, en op aarde is je Zijn grote vuur te zien gegeven, en Zijn woorden heb je gehoord vanuit het vuur.
37. En omdat Hij jullie voorvaderen liefhad, verkoos Hij na hen hun nageslacht, en Hij bracht jullie met Zijn grote kracht voor Zich uit, weg uit Egypte.
38. Zodat jullie volkeren voor je uit, groter en machtiger dan jezelf, het bezit zouden ontnemen, en dat aan jullie het land in eigendom gegeven zou worden, zoals op dit moment (gebeuren gaat).

39. Nu weten jullie het (zeker), en nu kunnen jullie je weer in het hart te binnen roepen: dat de Aanwezige Zelf de God is van de hemel boven, en op de aarde beneden. Er is er geen andere.
40. Maar houd je je aan Zijn statuten, en Zijn voorschriften, die ikzelf jullie nu heb voorgeschreven, dan zal Hij het goed maken met je, en met je kinderen na je, zodat je leven lang zal zijn op de grond die de Aanwezige, je God je geeft. Altijd.

Ons lied is: Lied 838 en sluit hierbij aan…

Maak ons volbrengers van dat woord, getuigen van Uw vrede,
dan gaat wie aarzelt met ons voort, wie afdwaalt met ons mede.
Laat ons getrouw de weg begaan tot allen die ons verre staan
en laat ons zonder vrezen de minste willen wezen.

Leer ons het goddelijk beleid der liefde te beamen,
opdat wij niet door onze strijd uw goede trouw beschamen.
Leg ons de woorden in de mond die weer herstellen Uw verbond.
Spreek zelf door onze daden van vrede en genade.

Wij danken U, o liefde groot, dat Christus is gekomen.
Wij hebben in zijn stervensnood Uw diepste woord vernomen.
Nog klinkt dat woord; het spreekt met macht en het wordt overal volbracht
waar liefde wordt gegeven, wij uit Uw liefde leven.


Epistel
: 1 Johannes 3: 18-24
Johannes schrijft over ons, Christenen. Dat we gehouden zijn lief te hebben, zoals Christus ons heeft liefgehad: tot in de dood. En dat we de keus hebben: of we zijn kinderen van God, en dan houden we ons aan Gods geboden, of we zijn kinderen van de duivel, en dan leven we in zonde. Geen creatieve tussenoplossingen. Hij gaat verder en schrijft:

18 Kinderen, laten we niet liefhebben met woorden of met de tong, maar waarachtig metterdaad.
19. (En) hierin zullen we weten dat we uit de waarheid zijn, en we zullen onder Zijn toezicht ons hart er toe aanzetten te bedenken
20. dat, ook als ons hart ons aanklaagt, God groter is dan ons hart, en dat Hij alles weet.
21 Geliefden, stel dat ons hart ons niet aanklaagt, dan kunnen we vrijelijk tot God spreken....
22 en wat we ook maar vragen, dat krijgen we van Hem, omdat we Zijn geboden houden en doen wat Hem aangenaam is.

23 En dit is Zijn gebod: dat wij ons vertrouwen stellen op de Naam van Zijn Zoon Jezus Christus, en dat wij elkaar liefhebben, zoals Hij ons heeft geboden.
24 En wie Zijn geboden houdt, blijft in Hem en Hij in die persoon, en uit de Geest die Hij ons heeft gegeven weten we dat Hij in ons blijft....

De psalmist zingt: De rechterhand van de Heer verheft mij. De rechterhand van de Heer doet machtige daden! psalm 118:16
  Halleluja!
 

Ons loflied is een lentelied 978

Gij roept het jonge leven wakker,
een tuin bloeit rond het open graf.
Er ruisen halmen op de akker
waar zich het zaad verloren gaf.
En vele korrels vormen saam
een kostbaar brood in uwe naam.

Gij hebt de bloemen op de velden
met koninklijke pracht bekleed.
De zorgeloze vogels melden
dat Gij uw schepping niet vergeet.
't Is alles een gelijkenis
van meer dan aards geheimenis.

Laat dan mijn hart U toebehoren
en laat mij door de wereld gaan
met open ogen, open oren
om al uw tekens te verstaan.
Dan is het aardse leven goed,
omdat de hemel mij begroet.


Het Heilig Evangelie staat geschreven bij: Johannes 15: 1 – 10
Het is de laatste avond van Jezus hier. Het Paasmaal hebben ze voor het laatst gevierd, en Hij loopt met Zijn leerlingen richting Olijfberg. Intussen drukt Hij ze op het hart om Hem trouw te blijven, zoals Hij hen trouw blijft. Hij zegt:  
1. Ik ben de ware wijnstok, en Mijn Vader is de beheerder van de wijngaard.
2. Elke rank aan Mij die geen vrucht draagt, plukt Hij af, en elke rank van mij die vrucht draagt, snoeit Hij, opdat die méér vrucht draagt.
3. Nu al zijn jullie geschoond door het Woord (= datgene) dat Ik tot jullie gesproken heb.
4. Blijf in Mij - Ik ook in jullie.... Zoals de rank geen vrucht kan dragen uit zichzelf, als die niet aan de wijnstok blijft, zó jullie evenmin, als jullie niet in Mij (zouden) blijven.
5. Ik ben de wijnstok, jullie de ranken. Wie (steeds) in Mij blijft - en Ik in hem/haar - die draagt veel vrucht, maar jullie zijn niet in staat om buiten Mij om íets te doen.
6. Als iemand niet in Mij zou blijven wordt die weggegooid, naar buiten, zoals de ranken, en raakt verdord...
Ja, ze rapen die bij elkaar en gooien ze in het vuur, en ze verbranden.
7. Als jullie in Mij zouden blijven, en Mijn woorden blijven in jullie, moeten jullie maar vragen waar jullie behoefte aan hebben, en dan zal het gebeuren.
8. Hierin voelde Mijn Vader zich geëerd, dat jullie veel vrucht zouden dragen, en Mijn leerlingen zouden wezen.

9. Zoals de Vader van Mij hield, zo hield Ik ook van jullie - blijft in Mijn liefde!

10. Als jullie Mijn geboden houden, blijven jullie in Mijn liefde, zoals Ik de geboden van Mijn Vader gehouden heb, en in Zijn liefde blijf.
Zalig die het Woord van God horen en er gehoor aan geven!

Gemeente gaat zitten

Credo
In antwoord op Gods Woord willen wij samen
ons geloof belijden:


Ik geloof in God.
Schepper van hemel en aarde.
Oneindig hoog verheven.
Vol liefde voor gewone mensen.

Daarom wil Hij ons een Vader zijn,
een Moeder, vol zorg en genade.

Daarom wil Hij ons een broeder zijn,
in Jezus, die mens werd als wij.
Geroepen om de goede boodschap te brengen
van Gods liefde voor ons allen.
Opdat wij Hem daarin volgen.
Gekruisigd is Hij, daarin droeg Hij onze schuld.
Gestorven is Hij, en begraven.
Maar opgestaan als eerste der mensen,
tot leven in eeuwigheid.

Zijn Geest wil in en bij ons zijn.
Ons de weg wijzen die we mogen volgen: Jezus.
De weg naar God en naar elkaar.

In doop en genade, licht en vergeving
zijn wij zo met elkaar verbonden,
in de hoop op leven dat komt en dat blijft:
in Gods liefde, waar geen einde aan komt.

Amen.


Preek
Genade zij u en vrede van God onze Vader en van Jezus Christus, onze Heer, door de Heilige Geest.

Lieve gemeente van God, zusters en broeders, vrienden, vriendinnen van Jezus en van elkaar…

Zondag Cantate! Zingt! Sterker: Zingt voor de Heer een nieuw lied, want wonderen heeft Hij gedaan!
Inderdaad, voor de grote wonderen die Hij doet zijn onze oude liederen niet goed genoeg, niet sterk genoeg, gaan ze niet diep genoeg!

Mozes zal het daar vast wel mee eens zijn…
Hij vertelt het volk, aan de oever van de Jordaan, aan de grens met het beloofde land, over veertig jaar wonderbaarlijke genade en hulp, redding en geduld… (Niet omdat zij zo geweldig zijn, maar omdat God zoveel hield van Abraham, Izaäk en Jacob…)
Het nieuwe begin waar ze voor staan, is zeker een nieuw loflied waard!

Het eerste loflied dat we vinden in de Bijbel, is trouwens het lied van Mirjam, Mozes’ zuster, een loflied over de grote daden van God, die de Farao heeft verslagen      
En die andere Mirjam, die wij Maria noemen, op zijn Grieks, neemt eeuwen later haar woorden over, als zij Gods grote glorie bezingt… in het Magnificat.
Groot maakt mijn ziel de Heer, U kent het wel.

Misschien zingt u thuis, onder het werk, of op de fiets, ook wel graag Gods lof.
Soms kun je opeens losbarsten in zingen.
Dat hoeft niet altijd mooi of zuiver te zijn, maar het komt dan wel diep van binnen uit
Psalm 42 zegt het zo mooi: Zelfs ’s nachts zingt Zijn lied nog in mij…
Zingen is echt een Godsgeschenk!

Onze grote broeder Maarten zei al: Zingen is dubbel bidden

En misschien hebben wij ook wel dubbel behoefte om te bidden, als we zien hoe goed God voor ons is geweest, en hoe onhandig en vaak ondankbaar wij daarmee zijn omgegaan.

Je vindt het na een tijdje vaak zo gewoon, als de dingen goed gaan, als je zonder pijn of moeite uit je bed kunt komen, ’s morgens… als je moeiteloos adem haalt, dat de grond niet schudt onder onze voeten, dat er schoon water is, en electriciteit
Vooral: dat we in vrede en veiligheid wonen en leven hier… Morgen is het vier mei, dan gedenken we al die talloze mensen uit binnen- en buitenland die ons die vrede hebben gebracht, ten koste van hun leven, hun gezondheid, hun toekomst… Laten we hen nooit vergeten.

Dinsdag, 5 mei, is het 70 jaar vrede hier, onvoorstelbaar, als je kijkt naar de rest van de wereld…

En ja, je hoefde de afgelopen week maar te kijken naar de televisie, en de beelden van Nepal, China  en India te zien, en dan durf je nergens meer over te zeuren. Wat hebben wij het goed!
We mogen ons terecht bevoorrecht voelen…

Net als Gods volk, daar aan de oever van de rivier. Mozes zegt met reden: wat heeft God toch een geduld met jullie gehad.
Dat zegt hij tegen de mensen toen en daar, maar wij mogen het ons ook aantrekken.
Want het volk staat op de drempel van het beloofde land, maar wij weten hoe het verder ging.

Wij mogen, dankzij Jezus, zelfs uitzien naar nog veel wijder vergezichten.
Méér dan een land dat overvloeit van melk en honing wacht ons… Een land van vrede en veiligheid die dan nooit meer door ons bevochten hoeft te worden… Dat is door Jezus al gebeurd.
Een wereld zonder grenzen is ons beloofd.

Maar het gaat niet zomaar vanzelf, het is niet een makkelijke weg daar naar toe.
God wil het ons allemaal in Zijn grote goedheid en genade schenken, maar dan gaat Hij ons ook geschikt maken voor dat land, voor dat bestaan.
Jezus vertelt de leerlingen erover op weg naar Zijn gevangenneming, op weg naar Zijn kruis.

Hij vertelt hoe wij er op eigen kracht niet komen.
Er moet eerst van alles weggedaan worden uit ons leven, en als wij dat zelf niet doen, dan wil God het wel voor ons doen. En dat doet pijn.
Er is vaak van alles dat onze aandacht van God afhoudt, er is van alles dat ons bezig houdt, méér dan de Heer Zelf.
Als we er ècht over nadenken, dan is dat niet iets dat we erg graag willen.
Maar het is verleidelijk om te denken dat het allemaal kan… én God, én de dingen én de mensen die ons leven zo fijn maken… Moet kunnen. Toch?

Helaas, vaak kan dat niet echt. En dan dus ook: echt niet. Heel vervelend.
God is namelijk niet zo bescheiden, dat Hij genoegen neemt met een klein hoekje van ons leven, met een uurtje op zondag, of: goed, twee uurtjes, als je het gaan en komen erbij rekent…
Zo is Hij niet. Heel ons verstand, en al onze liefde, en al onze aandacht vraagt Hij… En niet een uurtje, maar een hele dag. Niet een paar muntjes die we toch over hebben, maar tien procent, zo geeft Hij in het Oude Testament aan.
En de laatste zin voor onze epistellezing luidt: Maar wie werelds bezit heeft, en toeziet hoe zijn broeder gebrek lijdt, en haar betere gevoelens jegens hem afsluit, hoe moet Gods liefde nu in hem of haar blijven? Een pijnlijke vraag!
Jezus wijst in het Evangelie zelfs een arme vrouw aan, die alles geeft wat ze heeft, ter ere Gods, in het vertrouwen dat er wel weer werk zal zijn voor haar, of een vriendelijke naaste, die iets over heeft…
Dàt is liefde voor God en de naaste metterdaad!

We gaan even terug naar Jezus, die vertelt over de wijnstok, en de ranken
Buiten het seizoen zie je in een wijngaard alleen maar de wijnstok.
Dan zijn de ranken verdord, de vruchten zijn geoogst. Maar de wijnstok is goed en diep geworteld in het beloofde land…
Het gáát niet om de ranken. Die zijn maar tijdelijk. Net als wij. Het gaat om de vruchten die ze kunnen voortbrengen, omdat ze vast verankerd zijn in de wijnstok, en zo gevoed worden. Het gaat om het gehéél!

Sterker: voor het allerbeste resultaat moeten er soms ranken tussenuit gehaald worden, zodat er meer ruimte is, en de ranken die blijven moeten gesnoeid worden, zodat ze niet te hoog en te lang worden, en al hun groeikracht stoppen in de eigen groei. Ze zijn er om de vruchten voort te brengen…

Het is een beeld, dat ons niet altijd blij zal maken. We zijn vaak wel tevreden met ons zelf, met onze eigen groei. En we willen nog wel wat groter, langer, mooier groeien.
En dan komt daar die Wijngaardenier met Zijn grote mes, en kapt hier wat af, en haalt daar wat weg!!!

We vinden het vaak niet eerlijk! Onbegrijpelijk!

Maar God is degene met het overzicht en met een plan! Hij is degene die weet wat er gebeuren moet, en waarom!

Juist daarom moeten we ons goed vasthouden aan Jezus, moeten we ons voeden met Hem! Met Zijn Geest!
Hij staat dichter bij God dan wie van ons ook.
En Hij heeft alles losgelaten, alles opgegeven
Hij liet alle hemelse eer los, om als mensenkind geboren te worden, en zelfs dat mensenleven moet Hij loslaten, om voor de Vader goede vrucht te dragen. Als je daar bij stil staat…!

Wanneer wij genoeg moed hebben, om ons eigen bestaan in Gods hand te leggen, en te zeggen: haal maar weg, wat er niet bij U past, dan dragen wij op ons eigen, soms heel kleine, plekje de vruchten die God in ons hoopt te vinden.
Dat maakt Hem trots en blij!

Misschien kijk je aan het eind van je leven terug, en denk je: het was allemaal niet veel.
Niets bijzonders. Wat heb ik nu gedaan?

Maar het kan best zijn dat God zegt: Je hebt je gehouden aan Mijn wensen. Je hebt geleefd zoals Ik dat graag wilde, op je eigen, bescheiden plek.
In al onze lezingen hoorden we hoe belangrijk het is om Gods wensen, verlangens, voorschriften te respecteren en te houden!
Dat is niet voor niets.
Als je dat doet, dan mag je wonderen verwachten, dan mag je in Gods Geest, in de Heilige Geest van Jezus, bidden en vragen, méér dan je voor jezelf kunt bedenken.  
Als wij maar vertrouwen op die Naam van Jezus Christus, en als we maar echt van elkaar houden, zoals Hij ons heeft opgedragen, zoals Hij het ons heeft voorgedaan. Dan is Hij in ons, en wij in Hem. Dan is de Geest, die Jezus ons geeft, alles wat we nodig hebben, om te leven in eeuwigheid.
Zo simpel kan het zijn.

Halleluja, zingt voor de Heer een nieuw lied. Want wonderen heeft Hij verricht, Halleluja!
Amen!

Muziek

De Heer heeft Zichzelf aan ons gegeven,
zo willen wij ons aan Hem geven:
   met hart en ziel en leven,
in onze gaven, nu in de collecte, en in ons doen en laten met en voor anderen, in deze week.

Na het gebed over de gaven zingen wij: psalm 8: 1, 2, 3, 6

Collecte
De eerste collecte is voor Nepal, de tweede voor de kerk.

Gebed over de gaven

Heer God, wat wij hebben verdiend, wat wij hebben gekregen, is uit Uw genade.
Daarom kunt U er over beschikken, zoals U kunt beschikken over onze tijd, liefde en aandacht.
Wijs ons in dit alles de weg, en geef er Uw zegen op. Om Jezus’ wil.
Amen.

Psalm 8: 1, 2, 3, 6

Wel doet de hemel hoog Uw glorie blinken,
maar in de mond van kind’ren doet Gij klinken
Uw machtig heil, zo maakt G'Uw vijand stil
en doet uw haters buigen voor uw wil.

Aanschouw ik 's nachts het kunstwerk van Uw handen,
de maan, de duizend sterren die daar branden,
wat is de mens, dat Gij aan hem gedenkt,
het mensenkind, dat Gij hem aandacht schenkt?

Heer, onze Heer, hoe heerlijk en verheven
hebt Gij Uw naam op aarde uitgeschreven.
Heer, onze God, hoe vol van majesteit
hebt Gij Uw naam op aarde uitgebreid.

Voorbeden:
Laten we danken en bidden:
Lieve God, wat zijn we U dankbaar voor de vrede en veiligheid in ons land! Wijzelf en onze kinderen kennen bijna niet anders, en dat is een groot goed, waarvoor we niet dankbaar genoeg kunnen zijn… Wij bidden U voor hen die hun leven hebben gegeven voor onze vrijheid, er zijn er nog maar weinigen van over, maar wij bidden ook voor de veteranen van tegenwoordig, want de uitzendingen zijn vol gevaren, velen komen terug met levenslange littekens naar lichaam en geest. Ontferm U over hen!
Wij bidden U, na 70 jaar vrede, voor al die landen waar oorlog en onrust heerst. Oekraïne, het Midden-Oosten, Afrika… maar ook voor de landen waar sociale onrust heerst, door ongelijkheid, werkeloosheid, armoede, uitbuiting. Ontferm U!
Wij danken U voor onze mooie kerk, onze fijne gemeente, onze eigen huizen, en wij bidden U voor al die mensen die zomaar alles kwijt zijn…
Wil ons helpen te doen wat we kunnen, en wees bij al die mensen die daar hulp bieden. Ontferm U, Heer.
Wij danken U voor elk nieuw begin, dat U elke dag weer geeft, voor Uw vervulde beloften, die ons doen zingen, vertrouwen geven in de toekomst, en nieuwe moed…
Wil ons met Uw Heilige Geest telkens weer wakker maken, tot Uw orde roepen, aanmoedigen om Uw wil te doen, en wil ook ons leven snoeien, zo dat het voor U mooi en aangenaam is om naar te kijken, zo dat wij vrucht dragen, om Jezus’ wil.
Hij leerde ons bidden:

Onze Vader, die in de hemel zijt,
Uw Naam worde geheiligd

Uw Rijk kome
Uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel.

Geef ons heden ons dagelijks brood

En vergeef ons onze schulden,
Zoals wij aan anderen hun schuld vergeven

En leid ons niet in verzoeking
Maar verlos ons van het kwade


Lied 274:2 willen wij nu staande zingen.
Na de zegen, zingen we, in plaats van het ‘Amen’ lied 274: 3
. Nu vers 2


Zegen:
De gemeenschap met God,  
met alle Heiligen en met elkaar,
w
il Uw harten en gedachten vullen,
Uw doen en laten,
Uw bidden en danken.
Van nu aan tot in alle eeuwigheid.
Amen

Lied 274: 3