Voor eerdere diensten klik hier:

Zondag 6 na Trinitatis in de Protestantse Gemeente Soesterberg  


Organist:  Joop Lijftogt

Voorbereiding

Orgelspel

Stilte voor persoonlijk gebed
Ingeluid door kerkklok.
Tegelijkertijd wordt in de consistoriekamer het consistoriegebed uitgesproken door de ou­derling van dienst.

Binnenkomst kerkenraad en voorganger
Gemeente gaat staan.

Drempelgebed
Uitgesproken door de ouderling van dienst, vóór het liturgisch centrum.

Aanvangslied: psalm 46 helemaal   
Zonder nadere aankondiging.
De voorganger neemt intussen plaats achter liturgietafel.
Tijdens dit lied steekt een kind de paaskaars aan.

De Godsstad ligt aan blanke stromen.
God staat haar bij, de dag zal komen.
Hij woont in haar, zij wankelt niet,
zij kroont Zijn heilig rijksgebied.
Al hebben volken zich verheven,
Hij roept en doet de aarde beven.
Hij is met ons, Hij wendt ons lot.
Een vaste burcht is onze God.

Komt en aanschouwt des HEREN daden,
aanbidt Zijn toorn en Zijn genade:
Zijn toorn die 't oorlogstuig verslindt,
Zijn gunst waarin gij vrede vindt.
Hij spreekt: ,Laat af, Ik ben de Here,
de Heilige die elk moet eren.'
Hij is met ons, Hij wendt ons lot.
Een vaste burcht is onze God.

Votum en groet
:
Voorg.r:          Onze hulp is in Naam van de Heer
Gem.          die hemel en aarde gemaakt heeft.
Voorg.:          De Heer zal met u zijn.
Gem.          De Heer zal u bewaren.
Voorg.:   Genade en vrede, liefde en goedheid van God,
voor U allen!
Gem. :     Amen.
Klein Gloria


Gemeente gaat zitten.
Kyriëgebed (gebed om ontferming)
Lieve God,
wij staan voor U met lege handen,
met gebroken harten,
als wij denken aan deze wereld,
en aan onze rol daarin.
Daarom bidden wij zingend:

Maar wij vertrouwen op Uw Woord,
en vragen daarom, ondanks ons tekort schieten:

Heer, vergeef ons al wat wij misdeden!
Daarom bidden wij zingend:

Amen.

Zo lief had God deze wereld, dat Hij Zijn enige Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt, en eeuwig leven mag hebben.

Groot Glorialied:
TussenTijds 113


2. Hij die ons in zijn dienstwerk heeft gewild,
die het gewaagd heeft onze hand te vragen;
die ons uit angst en doem heeft weggetild
en ons tot hier op handen heeft gedragen;
Hij die verlangen wekt, verlangen stilt –
vrees niet, Hij gaat met ons, een weg van dagen.

3. Van U is deze wereld, deze tijd.
Gij hebt uw stem tot op vandaag doen klinken.
Uw naam is hartstocht voor gerechtigheid,
uw woord de bron waaruit wij willen drinken.
Gij die tot hiertoe onze toekomst zijt –
dat wij niet in vertwijfeling verzinken.

Wij beginnen nu de Dienst van het Woord

Ons lied bij de opening van de Heilige Schrift is een gebed tot de Heilige Geest: TussenTijds 48: 1

Lezingen

Eerste Testament: Jesaja 52: 1 – 7
Dit is het tweede boek van Jesaja, dat wil zeggen dat de inwoners van het Heilige Land al in ballingschap zijn gevoerd. Terecht, want ze hebben God niet geacht en niet gediend.
Maar al kan de Heer bijzonder boos worden wanneer Hij niet serieus genomen wordt, Hij blijft níet boos, en Hij laat nu bemoedigende boodschappen sturen naar Zijn volk.
Het komt weer goed! Ja, het staat voor de deur.
We lezen hoe het bezette en ontheiligde Jeruzalem, en daarmee ook Gods volk bemoedigd wordt:
52:1 Wakker worden! Wakker worden! Trek je kracht aan, Sion, trek je ere-kleding aan, Jeruzalem, heilige stede, want in het vervolg komt geen ongelovige, ja geen onreine meer bij jou over de vloer.
2. Schud je los uit het stof, sta op, keer om, Jeruzalem, maak je los, ontdoe je van de ketenen om je hals, jij, gevangen dochter Sion.
3. Want zo spreekt de Aanwezige: gratis en voor niets zijn jullie (aan anderen) uitgeleverd, en jullie worden niet voor zilvergeld vrijgekocht.
4. Want zo spreekt mijn Heer de Aanwezige: “Naar Egypte daalde Mijn volk af, in de oertijd, om daar vreemdelingen te zijn, en Assur, aan het andere uiteinde (van het land) heeft het verdrukt.

5. Nu echter: Wat heb Ik hier nu? – letterlijk zegt het de Aanwezige zo! – waarachtig! Mijn volk is voor niets meegenomen, zij die er over heersten zullen het betreurenletterlijk zegt de Aanwezige het zo! – en ook degene die dag in dag uit constant Mijn Naam veracht.

6. Daarom zal Mijn volk zich bewust worden van Mijn Naam, daarom op die dag, want Ikzelf ben het die spreekt! Hier ben Ik!
...
En dan gaat het verder met:
7
Hoe liefelijk zijn op de bergen de voeten van de vreugdebode, die vrede aankondigt, die een goede boodschap brengt, die heil verkondigt, die tot Sion spreekt: Uw God is Koning.
Tot hiertoe onze lezing. Wij zingen Gods lof met :
 
Gezang 426: 1 en 5 


Omdat Gij mijn hart doet branden, omdat Gij mij zo bemint,
hef ik, Heer, tot U mijn handen: Vader, zie ik ben Uw kind.
Wil mij de genade geven, U te dienen, hier en nu;
God die liefde zijt, aan U vast te houden, heel mijn leven,
tot ik U na deze tijd liefheb in der eeuwigheid.

Het Evangelie vinden wij bij Marcus 6: 6b-13
Jezus is in Nazareth geweest en heeft er gepreekt.
Maar hij werd er weggekeken. Ze kenden Hem té goed om er in te trappen, vonden ze.... Dan gaat de Heer weg.
We lezen:
6b. Jezus doorkruiste de dorpen rondom en onderwees (er).
7. Maar Hij riep de 12 bij elkaar en begon ze twee aan twee weg te sturen en Hij gaf ze macht over de onreine geesten,
8. en Hij drong er bij ze op aan niets mee te nemen voor onderweg, behalve een enkele stok.... geen brood, geen rugzak, geen kleingeld in de gordel....
9. maar “wel sandalen aan, en trek geen extra hemd aan!”
10. Verder zei Hij tegen ze: “Waar jullie ook maar een huis binnen gaan, blijf daar, totdat jullie er weer vandaan gaan;
11. En mocht een plaats jullie niet welkom heten, en ze zouden niet naar jullie luisteren, ga daar dan weg en schud het straatstof onder  jullie voeten af, zodat dàt tegen hen getuigt.”

12. Wel, ze gingen er op uit, en preekten dat ze zich moesten bekeren,
13. Ze wierpen veel demonen uit, en zalfden met olie veel invaliden
en zieken, en ze genazen (ze).
Zalig die het Woord van God horen en er gehoor aan geven!

Gezang 489: 2 en 6

Hoe zullen wij volbrengen wat door de eeuwen duren moet
een mens te zijn die sterven moet? Wij branden van verlangen
tot alles is voltooid.

Preek
Genade zij u en vrede van God onze Vader en van Jezus Christus, onze Heer, door de Heilige Geest.

Lieve Gemeente van God.

De bomen hebben wortels, maar mensen gaan voorbij.
Dat zongen we zojuist.
Maar in deze zomertijd willen wij hier in Nederland onze wortels wel eens lostrekken uit de goede grond waarin wij staan geplant, en op zoek gaan naar de verten die lokken, naar het gras dat altijd groener is aan de andere kant van het hek, en we willen graag het stoffig bestaan van alle dag van ons afschudden…
Het kan soms best een beetje spannend zijn, een enkele keer zelfs wel èng, en dan kom je thuis met een goed verhaal… tenminste als alles goed afloopt, en daar gaan we van uit, wanneer we van hier trekken…

Maar niet altijd gaan mensen vrijwillig op reis.
Wij horen in onze dagen van grote stromen vluchtelingen, die hun heil zoeken in andere landen wanneer het geweld van oorlog of roof, verkrachting en plundering hun huizen en hun levens bedreigt. Bij ons in de gemeente hebben we een aantal mensen die uit Afrika komen, en die de meest vreselijke dingen hebben meegemaakt. Aan de buitenkant hebben ze hun leven weer op de rails, maar waar ze van dromen, dat hóór je niet. Een enkele keer vertellen ze iets… dat is echt heel erg.
En op de televisie zien we ook beelden, waarvan we hopen dat we het hier niet hoeven mee te maken…
Dingen, die niemand zouden mogen overkomen…

De bewoners van het Heilige Land zijn destijds naar Babylonië weggevoerd, omdat de politici tegen God kozen, en voor een politiek die in hun ogen op korte termijn voordelig zou zijn. Het volk heeft niet erg geprotesteerd.
Wij mensen kijken vaak niet verder dan onze neus lang is. Dan doe je soms domme dingen.
Hun hoofdstad Jeruzalem is geplunderd, de tempel is ontheiligd, de schatten van de tempel, en ook de Ark van het Verbond zijn verdwenen, en de mensen zijn meegenomen, vastgebonden aan elkaar; honderden kilometers moesten ze lopen, en wie dat niet volhield: jammer dan!
Nu is het alweer minstens een, twee generaties geleden, en God heeft de gebeden gehoord van de mensen die in ballingschap naar Hem riepen om genade en verlossing.

En hier is het verlossende woord: het komt goed.
God zal Zelf het volk terug brengen.

Hij was destijds wel boos op het volk, maar Hij heeft de bezetter niet betaald voor het straffen van Zijn volk.
Maar nu gaat Hij het hen wel betaald zetten!
Ze waren hardvochtige heersers, en het is wel genoeg.

Vooral omdat het volk van God er intussen achter gekomen is, dat het in feite hun eigen schuld was, dat ze zijn weggevoerd. Ze hebben er, zonder het te weten, om gevraagd, doordat ze telkens tegen Gods wil in gingen. Maar nu, nu kun je de voeten van de vreugdebode al bijna horen: Heil, Jeruzalem: je God is je koning.
Geen ander!
Krabbel overeind uit het stof waarin je zit te jammeren en te rouwen om je bestaan, kom op, sta op, en draai je om. Bekeer je. Bàl je spieren. Trek je kleren aan voor officiële gelegenheden. Het komt goed.
Want de Aanwezige, je God, bemoeit Zich er Persoonlijk mee.

En die oproep mogen wij ons ook aantrekken, wanneer we ons moe voelen, wanneer er niets uit onze handen komt, wanneer we vinden dat we in een uitzichtloze situatie zitten, en dat kan zomaar gebeuren…
Ziekte, werkloosheid, geldgebrek
Dat zijn dingen die je zomaar kunnen overkomen, ook zonder dat het je schuld is.

De bomen hebben wortels, maar mensen gaan voorbij.
Zo kwetsbaar kan je leven aanvoelen.

Maar vergis u niet: wie gelooft in God heeft wortels die sterker zijn dan welke storm in het leven ook.
Wie verbonden is met Jezus blijft in leven, zelfs als het leven hier en nu dodelijk donker is…
En dwars door het sterven héén!

Dan denk je soms: Hoe zullen wij dat volbrengen: een mens te zijn die sterven moet?

Misschien door te letten op de vreugdeboden, die komen verkondigen dat God sterker is dan alles wat ons bedreigen kan. Sterker dan dood en ziekte, sterker dan angst voor anderen en voor ons eigen onvermogen.

U hoorde het: toen Jezus in Nazareth kwam met die vreugdevolle boodschap: God is je Koning, Hij komt je bevrijden, werd Hij weggehoond, en met de dood bedreigd.
Hij is rustig weggegaan, want zo ís de Heer: Hij neemt de mensen serieus.
Maar Jezus preekte wél in de dorpen rondom.
En Hij stuurde de 12 leerlingen er op àf,
het land in, gewapend met de geestesgaven die het leven helen: ziekmakende demonen en onreine geesten konden ze verjagen, zodat de mensen daardoor niet gehinderd werden om zich open te stellen voor de blijde boodschap.
Ze gingen met de stok in de hand, met sandalen aan de voeten, zonder brood in de tas, zoals de Israëlieten gingen bij hun uittocht uit Egypte.

Want waar Jezus komt daar is het koninkrijk van God een feit. Daar is een veel grotere bevrijding aanstaande dan die uit Egypte of uit de ballingschap.
Ook Jezus roept ons nu op om op te staan uit het stof van alledag dat aan ons kleeft, uit ons gedoe, uit onze drukte, uit onze vermoeidheid, onze verlammende eenzaamheid, uit alles wat ons weerhoudt om Gods wil te doen…
De ketenen te verbreken...
Ook Hij vraagt ons te vertrouwen op de kracht van God die in ons is. De kracht die God ons geven wil. Nu.
Jezus vraagt ons te vertrouwen op de Geest die ons brandt, en spreekt van God, van verre verten waar het leven goed en zoet is, op de Geest die ons Gods wil influistert, en ons vullen kan met liefde, om die wil ook te doen…
God is koning, waar mensen bereid zijn om Zijn heilige wil te doen.
Zoals we vinden in het Onze Vader: Uw koninkrijk kome, waar Uw wil geschiedt op aarde zoals in de hemel… En Jezus doet dat. Heel Zijn leven lang.
Daarom is Gods koninkrijk overal waar Jezus is.
Dus ook altijd vlakbij mensen van goede wil.
Mensen die vrede willen…

Ook hier én nu.
Want Jezus heeft aan het kruis een bevrijding van heel de mensheid bevochten.
Hij heeft gebloed voor het kwaad dat wij onszelf en de ander aandoen, door Gods wil te negeren, door Gods wil  de rug toe te keren.
Dat is het kwaad dat de dood oproept.
Maar in Jezus is door Zijn vrijwillige dood dat kwaad overwonnen. Wij zijn vrije mensen. Vrij om Gods wil te doen, en te leven als Zijn kinderen.
We kunnen ons telkens weer naar Hem toekeren, als zonnebloemen naar de zon, houden van God met alles wat we zijn en hebben, en van de anderen zoals van onszelf. Dan is God Koning in ons leven.
Dat mogen we met elkaar delen, zonder allerlei extra bagage, zonder speciale studie, gewoon door te vertrouwen op de Geest die ons de woorden wel zal geven, de Geest van Jezus, die ons leven heel maakt.
En door te vertrouwen op de mensen die op ons pad komen
, nu Jezus ook ons er op uit stuurt om Zijn liefde te delen met anderen. 
Wij hebben elkaar nodig. En door elkaar nodig te hebben, door dat te durven erkennen en uit te spreken, vormen wij een gemeenschap rond Christus.
Zijn wij kerk. Behoren wij toe aan God.

Wij branden van verlangen tot alles is voltooid

Amen.

Orgelspel

Dienst van de Gaven
Voorbeden

Goede God, wij danken U dat er geen situatie zo ernstig, zo pijnlijk of onoverkomelijk kan zijn, dat U daarin niet bent.
Uw koninkrijk is ook daar.
En U weet wat ons overkomt.
Ook wanneer U niet direct ingrijpt weet U ervan, en bent U bij ons. Wij begrijpen dat niet, we willen U zien, wij hopen op een wonder, een ingrijpen, hier en nu.
We kunnen vaak niet wachten.
Vergeef ons, dat we niet zien dat wij ons eerst tot U moeten richten
, dat we onze ketenen moeten afleggen, voordat de vreugdeboden ons komen vertellen dat U er bij bent.
Kom met Uw Heilige Geest om met eindeloos geduld ons uit te leggen wat Uw wil is, hoe Uw Naam geheiligd wordt in onze naastenliefde, maar ook hoe U van ons allen, stuk voor stuk, houdt, en dat U ons bij name kent.
Dat U ons nooit verlaat.
En dat er voor ieder van ons ruimte is in Uw hart.

Lieve Vader in de Hemel,
Wij danken U voor de vrijheid waarin wij leven, voor de vrijheid die wij beleven, voor de mogelijkheid die velen hebben om op vacantie te gaan.
En wij bidden U voor allen die dat niet kunnen.
Wij bidden U voor de zieken, de bejaarden, de armen, de mensen die hun werk verloren, ook in ons midden.
Wilt U hen zegenen op een manier die het voor elk van hen mogelijk maakt om weer van het leven te genieten, ook van het leven met beperkingen, en leer ons allen beseffen dat er haast geen leven zonder beperkingen bestaat, ook al zien wij die niet altijd van elkaar.
Help ons om te zien hoe wij elkaar nodig hebben, en hoe wij voor elkaar iets kunnen betekenen.
In het bijzonder bidden wij U voor de zieken die wij bij name willen noemen…
zoa
ls mevrouw Lidy Bol, die pas is geopereerd, en voor wie wij U bidden om verder herstel. We bidden ook voor hen die treuren, omdat ze een geliefde moesten verliezen. 
En wij bidden U voor de slachtoffers en hun nabestaanden in Syrië! Ach, Heer, geef ook daar mensen van vrede, mensen van goede wil!


Heer wij bidden voor alle mensen die op de vlucht zijn voor geweld of die vervolgd worden om Uw Naam.
Wij danken U voor onze vrijheid hier in de kerk, en we denken aan de Christenen in Noord-Korea, in Irak en Iran, in Egypte en Zuid-Soedan… U weet waar de grote nood van deze wereld is. Wees daar met Uw liefde aanwezig, zó dat steeds meer mensen leren zeggen: God is koning. Jezus is Heer. Wij bidden U voor de mensen die verblijven in het Kamp van Zeist, dat ook zij weten dat ze er niet alleen voor staan, maar dat ze in onze gedachten en gebeden leven. Help ons voor hen te doen wat wij kunnen. 

- Stilte voor persoonlijk gebed –

En samen zingen wij zoals Jezus ons leerde bidden:
Onze Vader

  

Nu zijn er de Afkondigingen
door de ouderling van dienst

Collecte
1e:    Kerk en pastoraat
2e:    Diaconie - Stichting School in Haiti
Al enkele jaren bestemt de diaconie een collecte voor scholen in Haiti. Na de afschuwelijke aardbeving begin 2010 is de hulp voor de scholen nog steeds nodig.
Het is belangrijk dat er structuur is voor de kinderen en bovenal onderwijs. Ook fungeren zij nog steeds als opvang voor dakloze kinderen.

Tijdens de collecte is er orgelspel en de kinderen uit de crèche komen in de kerkzaal.

Onze Slotzang  gaat over Jezus, zoals Hij rondging:  TussenTijds 144: 1, 2 en 4 (staande) Melodie uit Gezangen voor Liturgie 469



2.Hij gaf aan blinden het gezicht.
De nacht heeft Hij verdreven.
Gaf doden weer het leven.
Waar Hij voorbij ging, werd het licht. refr.

4.En alwie Jezus' naam belijdt,
zal wonderen verrichten
en als een lamp verlichten
de lange gang van onze tijd. refr.

Zegen
De gemeenschap met God,
met alle heiligen en met elkaar
vervulle Uw harten en gedachten, 
uw doen en laten,
uw bidden en danken.
van nu aan tot in alle eeuwigheid.
Amen.