Voor eerdere diensten klik hier:

Zondag 17 na Trinitatis 23 september 2018 in de Lutherse kerk te Zeist. 
Organist:
 Eddy Vliem

Orgelspel
 
Afkondigingen en aansteken van de kaarsen.

Stilte

Wij zijn hier aanwezig in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.  
Amen

Onze Hulp is in de Naam van de Heer              
die hemel en aarde gemaakt heeft.

Verootmoediging
Wij belijden voor de Almachtige God
dat wij gezondigd hebben;
gezondigd, in gedachten, woorden en daden.
Het is onze schuld, onze eigen gróte schuld.
Daarom vragen wij God, de Almachtige,
de Barmhartige, Zich over ons te ontfermen,
ons al onze zonden te vergeven,
en ons te bevrijden van alles wat verkeerd is. 
Amen

Zo lief had God deze wereld, dat Hij Zijn enige Zoon gegeven heeft, 
opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt, en eeuwig leven hebben mag!

Introïtus: Ons introïtuslied is psalm 84B A 2, 3, 4, 12 en 13  Antifoon:


Allen:


Laten we de Heer aanroepen om ontferming met de nood van deze wereld, - die is zo vreselijk groot -
maar laten wij dan ook Zijn Naam prijzen,
omdat er aan Zijn barmhartigheid geen einde komt!




Zondagsgebed:
Heilige God, dank U dat wij samen hier mogen zijn met U, dat wij met Uw engelen mogen zingen en loven
Open
ons hart voor U en voor de mensen,

door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.

Lezing Eerste Testament:
Deuteronomium 13: 2-6 NBV
In het voorafgaande hoofdstuk wordt het leven in het beloofde land geschilderd als door Mozes’ mond. De vreugde van het doen van Gods wensen klinkt hier als een belofte, een belofte van een goede toekomst. Het gaat niet om je moet en je moet en je moet, maar om een samenleving waarin je zúlt kunnen leven in overeenstemming met Gods regels en voorschriften, want Hij weet beter dan wij wat goed voor ons is. Het is een belofte van een blijde toekomst, waarin we kunnen en mogen leven, zoals goed is voor alle mensen. Dat is Gods droom voor ons. En natuurlijk zul je daar als mens dan niets aan veranderen, als je weet wat goed voor je is. We lezen verder:

2 Stel dat er een profeet of een dromenman in jullie midden een teken of een wonder aangeeft,
3 ja, als dan het wonder of het teken uitkomt, waarover hij met jullie heeft gesproken, terwijl hij zei: ‘Laten we andere goden volgen– goden die jullie nooit gekend hebben –en laten we die dienen’…
4 dan zullen jullie (toch) niet
luisteren naar wat die profeet of die dromenman zegt, want de Aanwezige, jullie God, is het die jullie (dan) op de proef stelt, om te weten te komen of jullie de Aanwezige, jullie God, wel volledig met hart en ziel liefhebben!
5 De Aanwezige, jullie God, zullen jullie volgen en Hem zeer respecteren. Jullie zullen Zijn voorschriften in ere houden en aan Zijn stem gehoor geven; ja, Hem zullen jullie dienen, en Hem trouw blijven.

6 Maar die profeet of die droomuitlegger zal ter
dood gebracht worden, omdat hij afvalligheid gepreekt heeft. (Afvalligheid) van de Aanwezige, jullie God, die jullie uit Egypte heeft weggehaald en jullie uit de slavernij heeft bevrijd.
Die man heeft immers geprobeerd jullie weg te lokken van de weg die de
Aanwezige, jullie God, jullie had gewezen. Zó zullen jullie het kwaad in jullie midden in de kiem smoren.
Tot hiertoe de lezing. 


Lied 103c is ons loflied voor de Goede God. 


Looft Hem als uw vaad’ren deden, eigent u Zijn liefde toe,

want Hij bergt u in zijn vrede, zegenend wordt Hij niet moe.
Looft uw Vader, looft uw Vader, tot uw laatste adem toe.

Ja, Hij spaart ons en Hij redt ons, Hij kent onze broze kracht.
Hij bewaart ons, Hij ontzet ons van de boze en zijn macht.
Looft uw Heiland, looft uw Heiland, die het licht is in de nacht.

Snel vergaan de mensenkindren als de bloemen op het veld.
God alleen is onverminderd steeds dezelfde sterke held!
Looft de Heer van dood en leven, Hem die onze dagen telt.

Engelen, zingt ja en amen met de Koning oog in oog!
Zon en maan, buigt u tezamen en gij sterren hemelhoog!
Looft uw Schepper, looft uw Schepper, looft Hem, die het al bewoog!

EpistellezingJacobus 3: 13 – 18
In dit hoofdstuk gaat het over de ware wijsheid... Ook toen was er veel belangstelling voor bijzondere kennis, voor theorieën die alles moesten verklaren... voor troost en schoonheid in de wetenschap... We lezen:

13. Wie onder jullie is wijs of vol kennis? Laat die in doen en laten dan maar de goede werken tonen, die uit wijze mildheid voortkomen.
14. Maar als je bitter jaloers bent, en je hart vol kliekjes-geest is, dan heb je niets om over op te scheppen of je groot te houden tegen de waarheid in.
15. Dat is niet het soort wijsheid dat van
Boven af komt, maar dat is aards, uit de (menselijke) natuur, (en zelfs) demonisch...
16. Want waar afgunst en kliekjesgeest heerst, daar (vind je) onrust en allerlei gedoe, beneden de maat.
17. Maar de wijsheid die van
Boven af komt is allereerst: puur, en verder: vredelievend, mild, plooibaar, vol medeleven en goede vruchten, onpartijdig, oprecht.
18. Gerechtigheidsvrucht nu wordt in
vrede gezaaid door hen die aan de vrede werken!

De Psalmist zingt : Halleluja. Jullie die de Heer respecteren, vertrouw op de Heer; - hun hulp is Hij en hun schild! (ps. 115:11)  HALLELUJA!


Wij zingen lied 885 als loflied. 

Gij geeft ons vrede, vergeving van zonden,
en Uw nabijheid, die sterkt en die leidt;
kracht voor vandaag,
blijde hoop voor de toekomst,
Gij geeft het leven tot in eeuwigheid.
Refrein.

Het Heilig Evangelie staat geschreven bij: Marcus 9:30-37
Jezus heeft na de belijdenis van Petrus, dat Hij de Christus, de Messias, is, voor het eerst gesproken met de leerlingen over Zijn lijden, sterven en opstanding na drie dagen. Dan is er de verheerlijking op de berg, en de genezing van de bezeten jongen. Nu volgt de tweede lijdensaankondiging.

30. Maar toen ze weggingen daarvandaan, reisden ze dwars door Galilea, en Hij wilde niet dat iemand er iets van af wist.
31. Want Hij gaf Zijn leerlingen onderwijs, en Hij zei tegen hen: “De Mensenzoon wordt uitgeleverd in mensenhanden, en ze zullen Hem doden, maar nadat Hij gedood is zal Hij drie dagen later oprijzen.”
32. Maar ze begrepen niet wat Hij zei, en ze schroomden Hem er naar te vragen.

33. En ze kwamen in Kapernaüm, en (eenmaal) thuis gekomen, vroeg Hij hen: “Waar kibbelden jullie onderweg over?”

34. Ze zwegen, want onderweg hadden ze geruzied (over de vraag) wie er de belangrijkste was.

35. Wel, nadat Hij was gaan zitten, riep Hij de Twaalf, en Hij zei tegen hen: “Als iemand de eerste wil zijn, zal die de laatste van allen (moeten) zijn, en aller dienaar.”

36. Terwijl Hij een kind haalde, zette Hij het in hun midden neer, en met de armen er om heen geslagen, zei Hij tegen hen:
37. “Wie er ook maar een dergelijk kind in Mijn Naam welkom zou heten, zou Mij welkom heten, en wie Mij welkom zou heten, heet niet Mij welkom, maar Hem die Mij gezonden heeft.”

Zalig die het Woord van God horen en er gehoor aan geven!


Credo:  In antwoord op Gods Woord willen wij samen ons geloof belijden door te zeggen:


Wij geloven in God, de Almachtige,
                  Schepper van hemel en aarde.
Vader van mensen,
         Moeder van kinderen, Die ons welzijn zoekt.
Broeder en leraar, in Jezus mens geworden
         om ons leven te delen en te redden,
om voor ons te sterven op het kruis en op te staan,
om een eind te maken aan alle zinloosheid van het bestaan.
Geest en inspirator, bijstand en kracht,
         voor allen die in God geloven willen.
Daarom durven wij geloven in Liefde en Trouw,
in warmte en vergeving, in doop en opstanding,
in heden en toekomst. Voor onszelf, en voor elkaar. 
Amen.

Preek
Genade zij u en vrede van God onze Vader en van Jezus Christus, onze Heer, door de Heilige Geest.
Tja, Jezus
Hij doet zelden wat je van Hem verwacht!
Hij koppelt een kind, een klein kind, met de grote en
ontzagwekkende God, de Almachtige, met Zichzelf als het koppelteken.
Kinderen, zeker kleine kinderen, hadden heel weinig status, in Jezus’ tijd en omgeving. De kindersterfte was hoog, en pas als het duidelijk was dat ze in leven zouden blijven, werden de kinderen interessant voor anderen dan de moeder. U herinnert u zéker de discipelen die de vrouwen met hun baby’s en peutertjes wèg wilden jagen, want die waren in hun ogen te onbelangrijk om Jezus Zijn kostbare tijd en krachten aan te laten verspillen.
Hier draait Jezus de zaken fijntjes om.
Wie zo’n snotneusje welkom heet, wie het opneemt en omarmt, die heet Hem welkom, die heet God Zelf welkom. Met
Kerst herinneren wij ons dat nog wel, maar dan gaat wij het ook om een goddelijk Kind.
Jezus heeft het nu over zomaar een kind.
Het hoeft niet eens familie te zijn van een van de leerlingen.
De zorg voor dit jonge leven stelt Jezus op één lijn met de dienst aan God!
Als wij een tientje overmaken voor een kind in een ontwikkelingsland, maken we misschien wel duizend euro over voor Godzelf. Je weet maar nooit.
En dan nog, dan mag dat niet ons doel zijn, want het gaat er om dat ons hart uitgaat naar dat kind.
Dat het er echt mag zijn van ons, dat we het van harte
welkom heten in onze wereld!
En dan misschien ook wel in onze wereld hier!
Pas als we zo in het leven staan, heeft God de eerste plaats in ons bestaan. Daaraan kan men te weten komen of wij de Aanwezige, onze God, wel volledig met hart en ziel liefhebben!
Dat is ook voor onszelf een goede test.

Stellen wij ons hart open voor iemand, omdat hij of zij een schepsel van God is, en daarmee zeker niet minder dan wij, of vinden we het in ons hart toch wel een beetje chique, als we mensen van gewicht in onze kennissenkring hebben, adel, rijkdom, status?
We wéten wel, want we hebben het hier al zo vaak gehoord, dat de ware adel, de echte rijkdom, van binnen zitten, maar je moet écht van mensen houden, om dat niet af en toe te vergeten. Tja.
Want waar afgunst en kliekjesgeest is, daar (vind je) onrust en allerlei gedoe, dat is beneden de maat…
Daar heeft Jacobus gelijk in.
Dan is het goed als we weer worden herinnerd aan de echte waarden van het leven.
En de Bijbelverhalen doen dat, die herinneren ons aan de prioriteiten van het bestaan in God.
Sterker: aan de gewone mens als Gods prioriteit.
Hij heeft een Hemel vol engelen, krachten en machten die Hem dienen en loven. De sterren en de sterrenstelsels zijn lichtflitsjes op Zijn kleed, de zon en de maan heeft Hij aan de hemel gezet om ons bij te lichten…
Een volkje, een kwetsbare minderheid, heeft Hij Zich uit de volkeren opgezocht, voor Zichzelf, om de belofte aan Abraham, die bereid was Hem te geloven, en dat volk krijgt een plek.
Want dat had de Aanwezige Abraham beloofd.

Een land, daar horen leefregels bij, om te zorgen dat het er voor iedereen optimaal zal zijn, zo goed mogelijk.
We lazen daarover in Deuteronomium. Dat boek is opgeschreven in de tijd van de Babylonische ballingschap, om te zorgen dat het volk bij elkaar bleef.
Om te zorgen dat de cultuur en de cultus bewaard bleven, ook al waren ze over het land verspreid!

Ik zei het al: het is het Boek van de Belofte.
Ze zullen weer terug komen in het Beloofde Land, dat hun overgrootvaders hadden verspeeld, door níét binnen de speelruimte van de Aanwezige te willen blijven.

Door het boek op te bouwen als een flash-back van Mozes, die het Godsvolk, bijna met de Jordaan in het zicht, het hele verhaal voorhoudt van Gods trouw, ondanks hun verzet en gezeur, zodat er een heilig volk overblijft, door het boek zó op te bouwen, dat deze woorden in de mond van Mozes gelegd worden, krijgen ze een grote autoriteit.
Dat is een geaccepteerde stijl in de Bijbelse boeken.
Daar is niets mis mee. (En er zit een groot stuk herinnering in!)
Daarmee wordt de directe lijn doorgetrokken van de kinderen van de belofte uit het begin, naar de hoorders van deze woorden in de Ballingschap, eeuwen later, op dezelfde manier waarop wij de woorden van Jezus en Jacobus op ons zelf mogen en zullen betrekken, als we weten wat goed voor ons is.

‘Wat God wil, dat is wel gedaan’, zingen we vaak.
‘Zijn wil is wijs en heilig’.
Jammer, dat we dàt in de gang van alledag vergeten, en dat we dan allerlei aanpassingen bedenken, waarvan wij menen dat het ons leven aangenamer zal maken. Want God heeft niet alleen ons hier en nu op het oog, maar het heil van alle mensen, nu en later! Soms moeten wij groeien, door níet te kunnen doen wat wij graag willen, en door eerst rekening te houden met de anderen, en met de Ander!
Vaak zeg je (heel) veel later, dat je geleerd hebt van een moeilijke tijd, dat je rijker geworden bent, door dingen gedwongen los te laten.

Je hebt de dingen immers niet in de hand: gezondheid, liefde, trouw, en juist als ze moeilijk zijn moet je maar proberen ze in Gods hand laten.
Dat leer je al doende. Al doende groeien wij ook naar God toe, naar de echte liefde.
Een liefde die Jezus ons heeft voorgeleefd tot op het Kruis.
Onbegrijpelijk, maar waar.

Toen de leerlingen van Jezus Zelf hoorden dat Hij zou moeten sterven, en dat Hij na drie dagen weer zou
opstaan, begrepen ze er niets van.
Daar wilden ze ook niets van begrijpen, want zij zagen zich eerder op 12 gouden tronen zitten, in dat heerlijke Koninkrijk van God, dat kwam.
Jezus had er immers veel over gesproken, dat Gods Koninkrijk aanstaande was?
Wisten zij veel dat het Koninkrijk van God reeds dààr is, als een begin, waar mensen Zijn wil doen in het hier en nu?
En dat Gods koningschap zichtbaar is in Jezus, die in alles Gods wil doet, zelfs tot op het Kruis?

Zouden wij het begrepen hebben, als wij niet hadden geweten hoe het afliep? Als wij de Bijbel niet hadden gehad, ieder in onze eigen taal? Ik weet het niet.
Ik denk het niet, van mijzelf.
En als het wel zo was, dan was het puur genade!

Je moet stevig in je schoenen staan, en kritisch kunnen denken, als gelovige. Kritisch, naar jezelf toe.

Neem nu die profeten en de dromenmannen, die er door God toe waren aangezet om te proberen het volk van de juiste weg te laten dwalen.
Zo lees je dat toch! Zij zijn de eersten die worden getest. Ze zijn de geestelijke leiders van het volk.
Hun woorden moeten betrouwbaar zijn.
En als ze de opdracht krijgen om afgoden toe te laten, dan mag de Aanwezige verwachten dat ze zeggen: ‘Met alle eerbied, Heer, maar hier klopt iets niet! Weet U dat wel heel zeker? Dit past niet bij Uw wet.’

Van een goede vriend en collega, een charismatische Oud-Katholieke priester, Wiebe Feenstra zaliger, heb ik jaren geleden
geleerd, dat je zo’n Goddelijke inval altijd moet laten controleren door een biddende gemeente.
Misschien niet een gemeente van 50 of 100 mensen, maar een kleine gebedsgroep die daar ernst mee maakt, kan heel goed werken.
Het is echt buitengewoon belangrijk, dat jullie, als gemeente, in de week voor de dienst bidden voor de voorganger om de Heilige Geest. Dat is van levensbelang voor jullie en voor ons.
Omgekeerd bidden wij natuurlijk ook voor jullie, in de week voor en na de dienst.
Het is milde wijsheid die van Boven komt, dat wij in alle bescheidenheid elkaar kunnen en durven bevragen. Dan kun je zo nodig samen in gebed gaan, nogmaals vragen om de Heilige Geest en Haar wijsheid.
Zien wij onszelf als
wijs of vol kennis? Laten wij in doen en laten dan maar de goede werken tonen, die uit wijze mildheid voortkomen!

Gods droom is voor ieder van ons hier, en voor iedereen op aarde, een werkelijke samen-leving naar Zijn model. Een Lichaam, met Jezus als het Hoofd. Eén groot rijk van vrede, waarin we inschikken voor elkaar. Ruimte maken. Waar recht en gerechtigheid gewoon zijn. Waar de vruchten van de liefde voor God en elkaar, voor al Gods schepselen, in vrede gezaaid worden door allen die aan vrede werken.
Dat zijn mensen die met Gods hulp, in de Geest van Jezus,
puur zijn en vredelievend, mild, plooibaar, vol medeleven en goede vruchten, onpartijdig, oprecht.
Gods belofte is dat het kan, dat het zal gebeuren.
Op Zijn tijd, en ook in onze tijd. In dit leven en in het leven in Eeuwigheid, in Gods Koninkrijk van Liefde.


Amen.


Muziek   Herr Jesu Christ dich zu uns wend—— BWV 632—— J.S. Bach.

Wij mogen nu geld bijeenbrengen voor anderen, opdat het wereldwijd een zegen mag zijn voor mensen, en zodat het is tot eer van Gods N
aam. Laat het dan ook een offer zijn, dat onze dankbaarheid en liefde voor God en mensen uitdrukt, omwille van Jezus Christus, onze Heer.

De Collecte
is voor de kerkelijke middelen en de stichting Het Evangelie in Spanje. Wat ik bij de Kerkelijke Middelen precies moet denken, dat is mij wat vaag, dat mag iemand me straks uitleggen, maar over de Stichting Het Evangelie in Spanje, waarvan ik secretaris ben, kan ik jullie wel iets vertellen.
Het begon in de tweede helft van de 19e eeuw, toen er in Engeland een grote drang tot zending ontstond, waardoor er via Noord-Spanje, Zuid-Frankrijk, Portugal en Gibraltar, mensen te voet, met een ezel, met een karretje, en vooral met Bijbels in de landstaal, naar Spanje kwamen, waar in 1873 voor het eerst (sinds de inquisitie, die voor 1833 was afgeschaft) godsdienstvrijheid kwam! 
Die duurde maar een jaar, daarvoor en daarna werden de dappere mannen, die naar Zuid-Europa kwamen om daar Zending te bedrijven, heftig vervolgd. 
Hun oprechte vroomheid en de Christelijke lectuur sprak vooral de gewone mensen aan, maar ook een aantal geestelijken! 
Het ontstaan van 'Het Evangelie in Spanje' en onze contacten met de Protestanten daar hebben te maken met die zware vervolgingen die de Protestanten in Spanje ondergingen, tijdens de zgn. Tweede Reformatie, in de tweede helft van de 19de eeuw. Een van de meest bekende vervolgde Spaanse Protestanten, ds. Manuel Matamoros, kwam op zijn omzwervingen als banneling via Londen ook in Nederland terecht, waar hij de verbijsterde bovenklasse vertelde over de verdrukkingen die de Protestanten in Spanje te verduren hadden. 
Aangezien de Rooms Katholieke Kerk in die tijd juist probeerde de verloren grond in Nederland terug te veroveren, kwamen deze verhalen in dit toch al geïrriteerde deel van Protestants Nederland hard aan. 
Er werden hier, en in Engeland, Frankrijk, Zwitserland en Duitsland, comités gevormd tot hulp aan de vele vluchtelingen en aan de zo zwaar geplaagde en pas ontstane Protestantse kerk. De Stichting Het Evangelie in Spanje is uit zo’n comité voortgekomen. Dat werd in 1871 opgericht door Jkvr. Constance van Loon en Jhr. M.J. van Lennep, - dat al op 1 januari 1872 officieel een vereniging werd, al bleef men tot 1954 spreken over het Comité!

Deze Vereniging was bijvoorbeeld in Málaga, Sevilla en Utrera officieel eigenaar van gebouwen waar de Spaanse protestanten gebruik van maakten. Die waren namelijk bij de wet niet in staat rechtspersonen te vormen en bezit te hebben. Het bezit is, zodra dat mogelijk was, overgegaan in Spaanse handen, want het is altijd de bedoeling geweest dienend te ondersteunen, maar nooit om vingers in andermans pap te houden. Dat is nog steeds zo.

Tot midden jaren 80 kwamen nog regelmatig Spaanse predikanten een paar weken naar Nederland, om op gemeenteavonden te vertellen over de zaken in hun land, en om op zondagen hier te preken. Leden van het bestuur vergezelden hen, en vertaalden hen. Al doende haalde zo'n predikant vaak een heel jaarsalaris op voor de kas van de kerk. Natuurlijk zorgde Het Evangelie in Spanje voor de kosten in en naar Nederland
Op deze manier was er uitwisseling mogelijk in gelijkwaardigheid, die wij in de contacten met Spanje altijd hoog in het vaandel hielden en houden. 
Mijn lief is zelf als jongeling van 33 jaar met zijn bruid naar Spanje uitgezonden door de Wereldraad van Kerken, op kosten van Het Evangelie in Spanje. Hij gaf daar les, en later gaf hij leiding aan de predikantsopleiding. Zijn lieve vrouw stierf daar onder zeer verdachte omstandigheden. Het Seminarie werd door Franco gesloten terwijl Ton in Nederland was voor de begrafenis, maar hij ging terug, en zette de lessen illegaal voort op zijn kamers. Totdat hij bedreigd werd door de Spaanse Geheime Dienst, en hij de wijk moest nemen naar Nederland. 

Vanaf het begin was de kracht van de kleine Protestantse gemeenten, dat ze overal scholen stichtten bij hun (schuil)kerkjes, en de bevolking leerden lezen en schrijven. Maar vanaf het begin van de Francotijd, werden die scholen en kerken gesloten, en de leraren en predikanten vermoord, verbannen, of opgesloten.

Nog steeds is het bestaan van de Protestanten zwaar, ook al is er officieel godsdienstvrijheid, er is ongelijkheid, er zijn pesterijen, daar kan ik lang over doorpraten. 
Het Seminarie, waaraan Ton les gegeven heeft, is recent erkend als een officiële Theologische faculteit, met geldige diploma’s, en het wetenschappelijk niveau is hoog!
De beide Protestantse scholen in Madrid, die nog wel bestaan, groeien, en barsten uit hun voegen. Veel van de leerlingen komen uit achterstandswijken, en er zijn nogal wat nieuwkomers bij! Lang niet allemaal zijn ze Protestant, maar ze doen wel mee met de lessen. El Porvenir en Juan de V
aldés zijn gewoon erg goede scholen. 

Maar omdat de regering tot voor een paar jaar weigerde de predikanten in te schrijven voor de Sociale Zekerheid, moesten de kerken al die tijd zelf opdraaien voor hun pensioenen. Nu gaat dat nog om een 11 of 12 personen, maar dat vormt een heel grote belasting voor de kerken, die vooral eenvoudige mensen herbergen, die door de economische crisis enorm getroffen zijn. Ze zitten hierdoor dik in de schulden. Maar ze zullen nog altijd proberen anderen te helpen. De landelijke Kerstcollecte is bijv. altijd voor een (vaak internationaal) diaconaal doel. 
Dus strijk uw hand over uw hart, en help ons hen te bij te staan. 
Ze zijn het zo waard, het zijn echt onze broeders en zusters!

(Op verzoek het banknummer:
Stichting Het Evangelie in Spanje te Zeist:  IBAN: NL 58 ABNA 0456 774 068   Wilt u dan ALSUBLIEFT zo vriendelijk zijn het doel erbij te zetten, bijv. Diasporacollecte + jaar, of: Pensioenen, of AlgemeenAnders komt het binnen onder 'Algemeen'.)

Collecte Intussen klonk: Voluntary 8; deel 2:Allegro; John Stanley(1713-1786);opus 7 nr.8.

Gebed over de gaven
Grote God, vol eerbied komen wij tot U met onze gaven. 
Wil ze aanvaarden, wil ze zegenen en wil ook ons aanvaarden, door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.


Laten we zingen:
lied 450



Weest niet bezorgd, maar bidt en smeekt de Heer,
weest niet bezorgd, maar mild en toegenegen,
want Hij brengt in uw ballingschap een keer;
Zijn land, Zijn erf, Zijn stad heeft Hij gezegend.

Daarom, dankt God! De vrede die Hij geeft,

gaat alle redelijk verstand te boven.
Hij die uw harten in zijn hoede heeft,
is goed, is God. Gij moet in Hem geloven.


Voorbeden:
Laten we danken en bidden:

Goede God, dank U voor Uw beloften.
In Jezus hebben we gezien dat U die waar maakt, en we vertrouwen dat ook al Uw andere beloften uit zullen komen.
Leid ons en houd ons elke dag weer op de goede Weg, de Weg die Jezus is gegaan, en help ons alert te blijven, en ons te houden aan Uw Leefregels, door Uw Geest, en Haar Gaven.

Lieve God, wij danken U voor Uw trouw en Uw Liefde.
Wij danken U dat U ons weer hebt herinnerd aan Uw droom voor onze toekomst, voor de toekomst van heel deze wereld. Vergeef ons waar wij Uw aarde bedekken met plastic, waar wij elkaar het licht in de ogen niet gunnen, waar wij vaak meer bezig zijn met onszelf dan met onze verre en nabije naaste. Help ons steeds weer het oog op U te richten, en rekening te houden met al die anderen en met U. Wil allen zegenen, die door ons niet worden gezegend.

Trouwe
God, wij danken U dat U ons hebt geholpen in onze nood als gemeente, en wij bidden U voor de Lutherse gemeente in Utrecht, en voor de Orthodoxe gemeente die in deze ruimte samenkomt tot Uw eer. 
Dat wij elkaar over en weer tot zegen mogen zijn! 
Wij bidden U voor onze Joodse broeders in de Heilige Dagen tussen Jom Kippur en Loofhuttenfeest. 
Wij danken U voor Teun en Lenie, dat ze hier weer kunnen zijn, en dat de chemo positief effect had. 
Wil hen, en al onze zieken zegenen en bijstaan.
Wees ook bij h
en die hier niet (kunnen) zijn...

Wij bidden voor deze wereld, om alle rampen, alle ongelukken, alle ellende. Wees in al dat verdriet Aanwezig. W
ij bidden U voor onze zusters en broeders in Spanje,
en voor alle Christenen, waar ook ter wereld, die om U worden vervolgd, dat zij mogen weten dat ze er niet alleen voor staan, en dat wij aan hen denken!
Wij bidden U voor alle slachtoffers van oorlog en geweld, van natuur en verkeer, en wij bidden U ook voor allen die op de weg en op de rails zulke zware verantwoordelijkheden hebben. Houd hen alert, en zegen hen in alles
Wees ook bij de hulpverleners, en bij allen die wij hier niet kunnen benoemen, maar die wij in de stilte van dit moment aan U voorleggen.


Met Jezus, die het ons voorzei, bidden wij U:


Onze Vader, die in de hemel zijt,
Uw Naam worde geheiligd
,

Uw Rijk kome
,
Uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel.

Geef ons heden ons dagelijks brood
,

En vergeef ons onze schulden,
Zoals wij aan anderen hun schuld vergeven
,

En leid ons niet in verzoeking
,
Maar verlos ons van het kwade
.


Ons slotlied is lied 886
Na de zegen, zingen we, in plaats van het ‘Amen’: lied 908:1  
   


Zegen:
Gods
zegen draagt ons door dood en doop heen naar het leven in eeuwigheid.
Gods Geest geeft ons de woorden van eeuwig leven in de mond, en de moed in ons hart om die te spreken.
Gods geliefde Zoon gaat aan onze zij, wanneer we hier vandaan gaan.

† Zo zijn we dan gezegende mensen,
in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.


We dronken samen koffie (die werd gezet en geserveerd door de Syrische Orthodoxe medegebruikers van de kapel,
en verheugden ons in de aanwezigheid van onze (ernstige) zieken: onze voormalige koster en een van vroegere onze organisten.

Intussen speelde Eddy Vliem de hemelen nog wat langer open!
“Wie gross ist des Allmächt'gen Güte” van componist: Felix Mendelssohn- Bartholdy. Variatie 4! 

(Maar gelukkig kwam ook hij koffie drinken.)